KutBinnenlanders.nl

Dag: 16 augustus 2013

Niet geheel gedekt

Niet geheel gedekt

 

Oh

Laat iedereen het weten

elke ziel in elk lijf het beseffen

als een kleffe mokerslag/gitaarslag treffen

Moordkuil is dood en heeft het koud

want hij is niet geheel gedekt.

 

Stuur vier miljoen wandelaars in

vier dagen de wereld rond

terwijl jagers hele marathons

rond hen patrouilleren

om de Boodschap te verweren:

Moordkuil is gestorven, maar wordt oud

want hij is volledig af

maar niet geheel gedekt.

 

Laat de honger naar meer Afrika verkillen

laat een nieuwe zondvloed stromen naar ons Stef zijn hart

 

Laat de laatste arme Mijn Lichaam willen

sparen tot de nacht

zodat hij mijn geest zal mogen kunnen verwarmen

terwijl hij huilend start

naar mijn Kruimels smachtend…

 

die ik achter me strooide om mijn volk te gidsen

naar de plek waar ik opnieuw

mijn krachten verzamel in een schamele hut

 

In een woestijn of veertig en dan

als spitse klapsigaar op liefdespijl

Moordkuils wijze nonsens in een dag/nachtenlang

interview met God.

 

Laat de rijken in de waan

dat het hun privilege is

om me te gunnen

hun luierend verworven centen

de prijs te laten betalen

 

zodat zij nog net op tijd

een monstrueuze kist voor mij

mogen gaan halen

bij veertig van de duurste tenten.

 

En laat het verdriet om mij heengaan

en de behoefte om dat te delen

zorgen voor de armen

en de rijken in de benen

 

samen in levens

waarin een hele lange mars, verschenen

naar voortaan

sámen voor mijn graf staan

want zo word ik pas dood gelukkig.

 

En om mijn kort verhaal

lang genoeg te maken

wil ik de beste breinen laten kraken

 

om te zorgen voor de beste droom

onder die beroemde

ooit naar mij vernoemde

Verboden boom

want ik lig daar nu lekker wel

maar ik lig niet lekker…

 

Oh jezus, oom!

mag ik dan nu van u

een pintje bloed

een driedaags dutje in je trutje

en een Human Cracker….?

 

Prozagedicht over de doodstraf

De doodstraf

 

En de verdachte werd veroordeeld

en de uitkomst was dat hij zou sterven

de erven zouden het vonnis in zijn grafsteen kerven

en eeuwig zou zijn naam zo voortbestaan.

 

Hij was het er niet zo mee eens

en dat wetend werd gezegd; als u even wilt tekenen

onder het vonnis dat waar ook de zon is

zijn dagelijkse strafmaat nu onder is gegaan.

 

Dus men wachtte en op jaarlijkse basis

stuurde men de stippellijnen naar zijn cel

een steeds terugkerend spel met in gedachten dat ooit wel

zijn instemming er in een kruis onder zou staan.

 

En zo gingen er jaren van opsluiting voorbij

hij was vrij, maar gevangen in dat rot-idee

dat het altijd dan ja werd en onmogelijk een uiteindelijk nee

al was er dan inmiddels een kolonie op de maan.

 

En het idee rijpte en rotte vast in hem

en corrumpeerde al zijn levenslustige driften

en de giften uit het hele land, retourneerde hij op het eind want

hij was hier ooit ingekomen, maar zou pas zonder zichzelf eruit gaan.

 

En op de dag dat hij het meest wanhoopte

waarop de zon slechts donderwolken in hem opriep

waarop zijn koppijn galblaas schiep en hij in rondjes voor zich uit liep

waarop zijn streek werd afgeleverd als spreekwoordelijke traan.

 

Toen kwam opnieuw een dorre dag en dezelfde ambtenaar

die hem zwijgend van geluk onderstrepend door liet schrijven

dat hij niet wou blijven in wanhoop die hem terug zou drijven

en dat hij alle ruimte gaf aan hun elektrische gaskraan.

 

En hij rookte en kookte tot zijn laatste trekje

en trok toen met zijn laatste adem aan de hendel

de priester zwaaide met de pendel en op het Requiem van Händel

schreef hij hun schuld af met een zwierig neer gepootte haan.

 

En zo worden wij allen toch veroordeeld

en zo wachten wij elk op zich op de gift van doodstraffen

op het scheiden van het hoofd en hart, kurken en karaffen

en lopen met het hoofd omhoog uit de laatste laan.

 

Spartelen

Van de grote afstand zag ik precies hoe het mis ging, hoe de man al joggende zijn voet verkeerd zette, zijn been doorboog en hij viel. Met een goed hoorbare plons belandde hij in het water. Even golfde alles na en toen spartelden zijn armen boven water. Wilde paniek. De man riep hard om hulp – blijkbaar kon hij niet zwemmen. Wie gaat er nou joggen langs een kanaal als je niet kan zwemmen, dacht ik, terwijl ik erop af liep. Ik zag andere mensen erheen snellen die veel dichterbij waren, dus ik rende niet heel hard. Energie is een kostbaar iets geworden deze dagen.

De jongen en het meisje die het eerst arriveerden bij de drenkeling, stopten plots. De jongen begon te klappen en het meisje schudde met haar heupen. Het leek een bizar tafereel, totdat ik dichterbij kwam. Want het moet worden gezegd, de hulproepen van de man waren van een aanstekelijk melodieus niveau. Ook ik merkte plots dat ik aan het dansen was in plaats van een reddingspoging te ondernemen.

Al snel stond er een grote groep voorbijgangers uit hun bol te swingen op de prachtige hulpkreten van de verdrinkende man. Hoe wanhopiger hij het uitschreeuwde, hoe bewonderender de kreten vanaf de kade. De man kon er wat van ! Toen hij definitief kopje onder ging, klonk er een ontgoochelde teleurstelling onder het publiek. Beteuterd droop men af. Ik keek naar de wijder wordende kringeltjes in het water waar daarnet de man nog spartelde. Belachelijk dat niemand hem redde.

Ik besloot er thuis een boos internetstukje over te schrijven. Maar eerst moest ik nog even sigaretten gaan halen.

 

© 2024 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑