KutBinnenlanders.nl

De woorden wil je horen van een ander

 


Iemand zal je strelen
Iemand zal je vleien
Iemand zal je kussen, vertellen hoeveel hij van je houdt.
Ik zal niet storen
Ik hou mijn mond, erken mijn plaats
Ben niet degene van wie je dit wilt horen
tegen wiens lichaam jij je vlijt.

Ik zal weggaan
De verliezer in dit spel van liefde
Dansend rond het vuur, naderend
steeds dichterbij
Nee, wat ik ook zeg
Het heeft geen zin.

De woorden wil je horen van die ander
Mijn zinnen raken geen doel
De woorden wil je horen van die ander
Hunkeraar, niet dichterbij!
Steeds weer.

Ik had je nodig, dacht ik
om gelukkig te zijn
Ik had je nodig, jij niet mij,

Ik had je nodig, dacht ik
om gelukkig te zijn
Daar had jij mij niet voor nodig
Niet mij.

(refr.)

Ik hoop dat je gelukkig wordt
al komt het niet door mij
Ik hoop dat je gelukkig blijft
Ik laat je vrij.

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Nu en dan

 

 

Het is soms best lastig om het kort te houden. Er zijn dagen dat ik ervan droom om alles uitvoerig uit de doeken te schrijven. Alleen, ik kom er niet toe. Ik kan geen roman schrijven, hooguit een wat dik uitgevallen novelle. Daar doe ik dan jaren over.

Tot tao me inhaalt en uitbeeldt.

Redacteur die zeurt dat het te kort is om uitgegeven te worden. Moet minstens drie- tot vierhonderd bladzijden tellen. Ik haal met moeite tweehonderd. Dan maar kort houden.

Over een andere boeg gooien of verder roeien? Soms wou ik dat ik het echt wist. Dan weer weet ik liever niets. Het is me wat, zo lijk het. Maar het is zo weer voorbij. Dan erken ik mijn beperking waarin ik als meester zou schitteren. Meester van het ultra korte kortverhaal. Waarmee ik  in een klap naar de wereld uithaal. Of de hele wereld inhaal.

 

 

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Tussen zijn en niet zijn, wording

 

 

Elke wording kent een geschiedenis, een proces, met vallen en opstaan. Zo weinig mogelijk vallen. En weer doorgaan.

Elke ontwording kent een geschiedenis, een tegenproces met vallen en opstaan. Veel vallen, weinig opstaan. Nauwelijks doorgaan.

Wie zijn we geworden? Wie of wat waren we aanvankelijk? Hoe zijn we zover kunnen komen? Of ontkomen? Liepen we op onszelf vooruit? Struikelden we over het onbekende of doken we er juist in, ver doorheen?

Of liepen we af?

Net al die vragen, meer dan de antwoorden die ze allicht verdienen, maken het binnenland uit van eenieder.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Een bij is hier noodwendig

 

 

De bijslaap vond plaats in de bijkeuken, plat op het keukenblad, in ons bijzijn. Dat mag je geenszins als bijzaak beschouwen.

De jongeheer van de oude lul heeft er alles mee te maken, zit er voor heel wat tussendoor.

De deur is dicht, de gordijnen ook. Dat heeft er hoofdzakelijk mee te maken dat niets of niemand er bij komt kijken. De bijkeuken kent geen opendeurdagen.

Sommigen trekken zich zelfs af of terug in de garage. Zover ben ik zelf niet geneigd te gaan. Het is al erg genoeg dat een badkamer zelden of nooit een raam krijgt. Doch dit terzijde. Het is bijkomstig. Dat was het dan ook weer.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Geen koning-koningin

 

De woorden kringelen in het middenrif
Als het goed is, stijgen ze me naar het hoofd
Liggen ze met hun hart op de tong of lip
en zingen ze wat ik zelf ook geloof.

Als Sirenen die de zeelui naar de rotsen lokken
om ze op te vreten met huid en haar
En daardoor gehuld met mijn vlees en botten
weemoedig in een café naar jou staart.

Vele stormen heb ik overleefd
Ik besmeer mijn boterham met jouw honing
Bewoog me door het leven, schots en scheef
En ik trouw jou, ook al zijn wij geen koning-koningin.

Ik ben hier sinds het begin van de avond
en volg jou als je langs me loopt
als die zeeman wiens lichaam ik verslond
Die nu met die Sirene op jou hoopt.

Ik ben weerloos, sla mij aan de haak
Schootsveld is vrij, reken je rijk
Ik heb net wat die zeeman op zak had, een knaak
Maar neem me mee naar jouw levend lijk.

(refr.)

Misschien draag ik een deel van mezelf bij
groeit er straks leven in jouw buik
Mijn bijdrage aan een nieuwe maatschappij
We zijn allemaal in Gods gebruik.

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Wat nu weer?

 

 

De gristendemocratie in België bereikt haast haar verdwijnpunt onder de kiesdrempel. Is dit nu behoorlijk kut voor dit binnenland?

Eerst liepen de kerken leeg, nu ook de partijen. Er zijn er twee in België, een in het Frans, een ander in het Nederlands. Les engagés in het Frans (de geëngageerden, de betrokkenen), CD&V in het Nederlands. In het Frans is zij al lang niet meer gristelijk. Ze is humanistisch geworden en nu dus betrokken partij zeg maar. Die maar niet betrokken raakt bij het bestuur.

Ooit bestuurden ze decennialang het land. Nu eens samen met de liberalen, dan weer met de socialisten. Ze vormden eigenlijk een volkspartij, vooral in het noorden van het land; in het zuiden was de toenmalige PSC de leverancier van toppolitici.

In de plaats van de gristendemocratie is in het noorden het nationalisme gekomen, zij het dat het dit land gelukkig nog niet bestuurt. Een van de nationalistische partijen bestuurt momenteel de gouw en een grote stad. Zij wordt nooit een volkspartij want ze regeert ten koste van het volk, voor en door de commerciële uitbuitingselite. Totaal wild in het neo-kapitalisme.

Heel erg kut kortom.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Uitkijken

 

 

Hoe kijken we met zijn allen aan tegen de oprukkende woestijnvorming? Met lede ogen.

Of tegen het stijgend zeepeil? Met natte voeten.

De verbrokkeling van de bergen is nog niet aan de orde. We kunnen er nog een tijd tegenop. Nu alles meer dan ooit van snel voorbijgaande aard is, heeft de roep om duurzaamheid nog nooit zo hard geklonken.

We maken onze borst nat. We poetsen onze schoenen niet langer. We brengen onze voorraad laarzen op peil en houden nauwkeurig de lading van de batterij van onze telefoon in het oog.

Ondertussen proberen we elke avond de slaap te vatten.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Tegen mijn gevoel

 

Ben jij nou gek?
Je dompelt mij in een modderige poel
Een gevoel dat mij vertraagt
en gewoon niet lekker voelt
Ik weet niet wat jij ermee bedoelt
of jij weet wat je ermee wakker woelt
Het is nogal wat wat je van me vraagt.

Nee, ik heb het niet tegen jou
Ik heb het tegen mijn gevoel.

Ben jij betoeterd!
Ik voel me door jou bodemloos
Ik voel geen grond meer onder me
door waarvoor jij koos
Drijf nou, drijf me maar
die vaste grond waarop ik vaar
waardoor ik me uit dit drijfzand troost.

(refr.)

Ik zat net in blauwe luchten
lekker in mijn zon te bakken
Laat mij snel mijn spullen pakken
Laat mij weg van jou
Ik heb nog ergens een gevoel
die op dat van net is gestoeld
Helder weer waar ik meer van hou
Nou…?

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Toogpraat

 

 

Het is behoorlijk druk aan de toog van café ’t Hiernamaals, niet te verwarren met het Hemelrijk, café te Sint-Niklaas op de markt. Daan en Herman maken kennis met elkaar, twee dichters. Ik tref er mijn voormalige afgestorven werkgever Ph M. Ik mag hem nu in het Nederlands toespreken.’Mijn ziekte heeft mijn kennis van het Nederlands niet aangepast. Het was enkel moeilijk ademhalen’.

‘Ik heb uit uw hand mijn brood gegeten, uit andermans hand een fles whisky. Die handen heb ik niet gebeten. Ze waren me gunstig gezind. Ik heb slechts een keer de hand gebeten van wiens brood ik at. Gemene ezel die me wou bijten. J’ai fini par cuire mon propre pain’. (Tenslotte bakte ik mijn eigen brood). Ph M bestelt daarop een rondje.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Uitgedeeld

 

 

Er zit niet veel anders op. De deur wijst de uitweg aan. Het raam niet. Dat biedt uitzicht. Zowel op de tuin als op de straat.

We vergeten wat het is een stoel te zijn zonder leuning. We onthouden vooral het gat in de muur: deur, raam.

Het gat boven ons hoofd is gedicht. Dat heet plafond. Of dak. We zijn het zo gewoon, we wonen in onze gewoonten, noemen het huis of nog sterker: thuis.

Voorbij de stoeprand ligt languit de straat. Vele straten en wegen doorkruisen de ruimte. We vragen een boom wat hij ervan vindt. ‘Verstikkend. Ver strekkend.’

Zoveel wordt alsnog duidelijk. In de fles huist de geest, zonder ramen noch deuren. Hij moet daar binnen blijven om het ergste te vermijden.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.
« Older posts

© 2022 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑