Ooit komt het allemaal terug

Tag: Poëzie

Ikea (vertaling)

Van bovenstaand lied bezit ik geen enkel recht, maar er is geen enkele versie meer van online te vinden. En ik heb – na zeven jaar prutsen, notities verliezen, en telkens andere dingen tussendoor doen, een Nederlandse vertaling geschreven van deze songtekst. Die ik zelf ontzettend bewonder.

Mijn vertaling:

IKEA

Ik zou heel graag, als het mag
eens een keer aan de slag
bij de man die televisies maakt
voor Ikea

Dat spul dat niemand verkoopt

Ze zijn ook vast erg duur
het lijkt zo echt en zo puur
maar het is nep, en het staat daar
op de plank bij Ikea

Voor als de klant er langs loopt

En afvraagt hoe het spul er
thuis uit zou zien:
het staat al klaar, hoe het hoort.

Ik leer dan ook over plastic, weet je wel,
de industrie techniek
En als ik wil ga ik verder en maak ik
van kunststof fruit of friet,
een plastic plant

maar mijn hart ligt bij TV’s

Ik maak ze groot
maak ze snel
er staat veel op het spel
Ik red de wereld met plastic spullen voor de Ikea
En nee ze zijn niet te koop

Je voelt je goed
gerust gesteld
zonder troep of geweld
De kunststof droom, dat is uiteindelijk het idee, ja
plastic wereld Ikea

Je hebt nooit elektrische problemen met een plastic CD speler
en ook je rug is blij dat die koelkast lichter blijkt
Er wordt nooit iemand afgeslacht op het blanco TV-scherm
Plastic printers zijn papierloos, elke boom mag blijven staan

Ik zou heel graag, als het mag
eens een keer aan de slag
bij de man die televisies maakt
voor Ikea

 

Schouderhaar

Schouder haar
schouderhaar
het weegt haar
te zwaar

Schouder naar
alles klaar
schouderhaar raar
’t is toch waar

Schouder haar
de lucht in
strelend de wolken
vingertoppen strek

en kietelend
in de benen
van je
schouderhaar

 

Bubbel

De bubbel die glanst
met dansende zwakte
en een tollige druppel

De wind die likt
met rauwzacht strelen
en scherp stof

Duizend ogen in het
groen, in het zwart,
staren, schatten in

Staren naar
de druppel

waar het de bubbel
zelf
geen moment
om ging.

 

Lek

In een zee van onzekerheid
doorklieft mijn boeg de
beklijvende dagen
en ik hang mijn hand

De dagen ontglippen
spartelend mijn grip

Kompasnaald
draait zich duizelig
want alle windrichtingen
kunnen nog ontknopen

Als het schip
maar niet
zinkende was.

Ik vraag het lek
hoe lang het nog duurt

Maar dat laat mij
in zijn eigen vaart
naar buiten slippen.

 

De baby

En de man maakte zich los

van het kind in hem dat

huilde, piste, en inkakte

en dan, even later weer

de witte bonen bruin bakte

en los liet in het bos.

Het enge bos waar Zoef

hem imiteerde als was hij, oef!

een meneer de uil die van hem was gescheiden

en verder ging als was hij een ander

Een vreemde die in hem huisde

een vader die er altijd en toch

nooit was als hij naar hem groef

in zichzelf.

En de man maakte zich vrij

van het kind in hem dat

boerde, scheet en boos baarde

en dan even eerder weer

een nieuwe vorm van hem-zijn baarde

en dan bedoelt ie mij.

In het huis, gevangen tussen muren

in de tijd verlangend naar de uren

die ik, ingebed tussen de lakens

was ingeslapen, mijn uren makend

tot het tijd was om op te staan

en een nieuw stel ouders

als was hij eindelijk

ouder in te gaan.

Tot het kind dan in mij huilde

en zich wrong door mijn oksel naar het licht toe

dat ik dan uitknip om nog even

te kunnen dromen van een mooi moment

Om dat kind in mij te baren

om het op te voeden en te sparen

voor de appel, voor de dorst

voor de worst hem voorgehouden

die hem uiteindelijk lauw en veganist maakt.

Tot hij naakt de wereld

durft te zien zoals ik ben

tot hij zichzelf in dat alles herkent

en zijn eigen kindje draagt

en uiteindelijk in de cirkel baart.

 

© 2020 KutBinnenlanders.nl

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑