
Morgan
Kafka, Nederland, 2013
Je wilt snel werk, dus ga je naar diverse uitzendbureau’s. Na 2 weken nog geen werk, dus schoorvoetend vraag je bijzondere bijstand aan, omdat je je bedrijfje als ZZP’er niet wilt opheffen. Met grote vrees in een Kafka-labyrint te belanden.
“Gemeente …, goedemorgen” “Dan moet u morgen tussen 9 en 10 terugbellen.”
“Gemeente …, goedemorgen” “Bijstand aanvragen moet u doen via de website van het UWV.”
Inloggen, netjes aanmelden als werkzoekende, voor bijstand zelfstandigen verwijst de site weer naar de gemeente. Maar weer bellen, 3e keer.
“Gemeente …, goedemorgen” “U wordt hierover teruggebeld.”
Wachten op telefoontje 4.
“Gemeente …, goedemiddag”. “U moet hier toch echt voor bij het UWV zijn.”
Fiets gepakt, meteen naar het UWV. Na wat overleg zijn 4 werknemers daar het erover eens: hiervoor moet je toch echt bij de gemeente zijn.
Ik voel de volgende bui al hangen en bel de gemeente, terwijl ik zorg dat ik in de buurt van het UWV ben.
“Gemeente …, goedemorgen”. De 4e die ik aan de lijn krijg in dit vijfde gesprek, heeft geen nieuws: “U moet hier toch echt voor bij het UWV zijn.” “Oke, daar sta ik nu voor de deur, wellicht tot een volgend gesprek.”
Na drie kwartier wachten eindelijk een gesprek bij het UWV. Deze man belt de gemeente. Hij concludeert, dat de gemeente mij fout doorverwijst: Ik moet bij de gemeente Tilburg zijn, die handelt voor mijn gemeente bijzondere bijstandszaken voor zelfstandigen af voor de gemeente waar ik woon. En de ambtenaar van mijn gemeente weigert eerst ook nog haar naam door te geven.
Wat is een frusterend verhaal zonder heppie ent?
Twee minuten nadat ik bij het UWV weg fiets, belt het uitzendbureau: “Je kunt vanmiddag bij een bedrijf op rondleiding en dan snel aan het werk.”
Toch weer een mooi avontuur beleefd, met dank aan de zeer welwillende maar helaas niet erg hulpvaardige medewerkers van mijn gemeente. In de wachttijd bij het UWV heb ik er per hele trage computer een sollicitatie gedaan naar een baan als Interim Medewerker Klanten Contact en Communicatie. Ik denk wel, dat ik dat op dit niveau aankan…
Meisje in de trein
Verjaardag
Ik zit op een verjaardag de schijn van gezellig op te houden. Eigenlijk ben ik doodmoe. Ik ben al maanden doodmoe, maar ik heb medische hulp. Medische hulp bestaat eruit dat je af en toe met een mevrouw gaat praten die dan zegt dat je eigenlijk heel goed bezig bent. Aanstaande dinsdag mag ik weer.
Ik drink het ene vieze mengsel van drankjes die op tafel belanden na het andere. De keuken is binnen en hoewel ik pal naast de keukendeur zit, is opstaan me eigenlijk teveel. Nu drink ik schrobbelèr met witte wijn. De mensen praten over leeftijd. Over hoe oud mensen zich voelen, of welke mensen ze kennen die er helemaal niet uitzien zo oud als ze zijn. En wat mensen doen met hun leven. Één vriend wijst naar mij en roept lachend dat ik maar doe wat ik wil en dat het me allemaal niet kan schelen. Ik schenk wat fruitsap bij de schrobbelèrwijn.
Eigenlijk heb ik een hekel aan verjaardagen. Alles is zo verdomd obligaat. Het eigenlijk helemaal niet leuke cadeau. De drie kussen. Hapjes en drankjes en in een kringetje zitten. Of nog erger, clubjes in een grote woonkamer. Ik prijs me eigenlijk al gelukkig dat het aantal verjaardagen waar ik heen ga, waar men geacht wordt spelletjes te spelen, klein is. En op deze verjaardag ken ik ook zowaar vrijwel iedereen. Als het nou geen verjaardag geweest was, had ik het gezellig gevonden denk ik. Maar dan was ik nog steeds moe geweest.
De jarige gastvrouwe plopt na bijna drie kwartier af- en aanslepen met genoeg eten voor zestien weeshuizen op een stoel neer. Na al dat werk moet ze wéér aan de slag want iedereen wil met haar praten. En met elkaar. Ik zit stil in een hoek en probeer gespreksontmoedigend te kijken. Ik sla mijn hoegaardenfruitsapwijnschrobbelèr achterover en besluit naar huis te gaan. Misschien dat dit mijn allerlaatste verjaardag was.
IJskoningin
Jouw armen
de warme deken,
waarin ik me rollen wil op deze koude winterdag
knus en veilig
De sprankel in je ogen
als de schittering op de vers gevallen sneeuw
Je lach
het mooiste geluid
geknisper van de witte grond onder mijn voeten
Sprakeloos en verlegen
kijk ik je aan
mijn adem maakt wolkjes in de lucht
Vertwijfeld blijf ik even staan
bevroren
Mijn lippen op je rode wangen
verdwalen
rusten op je mond
Een tinteling
verrassend
welkom
warm
Mijn hart zal weldra smelten
in mijn oog brandt een traan
Ik laat je gaan
omgekeerde COBRA

Overheidsvisjes
Even denk ik dat hij het niet meent en probeer ik licht te grinniken, maar de overheidsmeneer kijkt heel serieus. Hij schraapt zijn keel en herhaalt wat hij gezegd heeft. “De overheid verbiedt bij deze, op last van de Europese Commissie, u als burger om uzelf als amateur te ontlasten.” Ik staar verbouwereerd naar mijn toiletdeur, waarvan ik een uur geleden nog de binnenkant zag. Blijkbaar voor het laatst. “Telkens als u de neiging heeft tot ontlasting, zullen wij een overheidsgecertificeerde professional langssturen die dit voor u zal doen. Het is niet wenselijk dat u uw onprofessionele ontlasting nog langer in onze landelijke rioleringen deponeert. In recente jaren is onze landelijke sanitaire logistiek afgestemd op een professionele standaard en uit statistische metingen is gebleken dat de burger zich niet aan deze standaard kan houden.”
Ik opper voorzichtig dat mijn ontlasting misschien meevalt, of de overheid dat ook gemeten heeft. De man recht zijn stropdas en zegt dat de overheid geen tijd heeft voor zulke futiliteiten. “U begrijpt dat dit in het belang van ons allemaal is. Als de sanitaire logistiek het begeeft zit het hele land met de hand in het haar. De enige manier dat wij als overheid hier garant voor kunnen staan is als we de burgerlijke stoelgang in handen van professionals leggen. Burgers die vanaf heden nog, waar dan ook, op amateursniveau zich zullen ontlasten, kunnen rekenen op forse boetes of zelfs gevangenisstraf.”
Ik zet mijn kopje koffie maar op tafel dan, want daar moet ik altijd danig mijn domestische sanitaire voorzieningen van visiteren. Goedkeurend knikt de ambtenaar dat ik het blijkbaar begrepen heb. Hij werpt een half oog op mijn laptop scherm en informeert of ik via mijn internetverbinding wel eens meningen ten berde breng. Ik zeg dat ik dat niet zou durven. Er worden al zoveel meningen op na gehouden. Met een half oog waarschuwt hij mij dat dit beter waar kan zijn. Ook het uiten van meningen is geprivatiseerd. Ik knik, ik herinner me de brief nog goed.
Hij wil nog even in mijn achtertuin kijken. “Volgens onze gegevens heeft u zelf een vijver aangelegd.” Ik schrik. Sputter tegen dat ik de vijver niet heb aangelegd, enkel het zeil vervangen zodat dat niet meer lekt. De amtenaar slaat een vel papier in zijn map om. “U heeft er stekelbaarsjes in geplaatst.” Nee nee, reageer ik paniekerig, dat had een buurman gedaan die graag met visjes en waterplanten werkt. “Evenwel,” zegt de man met een zure rechte streep tussen neus en kin, “begrijpt u dat we ook dit niet kunnen toelaten.”
Hij pakt uit zijn binnenzak een visnetje en nauwkeurig vangt hij de stekelbaarsjes in mijn tuinvijver. Hij vouwt de naar adem happende beestjes in een zakdoek en plaatst ze in een plastic zak. “Bewijsmateriaal.” Dan opent hij zijn koffer, waarin overheidsgoedgekeurde vijvervisjes in een zak met water blijken te zitten. Hij plaatst de overheidsvisjes in de vijver. “Bevel van de Europese Comissie.” Hij knikt minzaam, wenst me een goede dag en verlaat mijn tuin via de poort.
Binnen het uur drijven de overheidsvisjes ondersteboven rond. Ik durf er niks van te denken want de overheid zal het beter weten dan ik.
Bang van Bres
Wat zou ik toch graag
Zorgen dat er nooit meer
Iemand bang hoefde te zijn
Voor Henk Bres
Wat had ik toch graag
Dat iedereen kon zien
Wat een trieste, domme
Blaaskaak die Bres is
Wat was ik toch graag
Degene die kon zorgen
Dat Henk van schaamte
Stilletjes wegkroop
Wat wou ik toch graag
Dat Henk Bres
Met een anti Henk Bres bumpersticker
Op te lossen viel.
De ‘anti-pedo’ stickers van Henk Bres

Terwijl heel Nederland zich opwindt over Russische neonazi’s die homoseksuele jongeren martelen, is het in ons eigen land doodnormaal om ‘anti-pedo’ stickers op je auto te plakken. Deze foto van Henk Bres staat op Je bent Zoetermeerder als, een pagina met foto’s uit de stad waar ik ben opgegroeid. Spijtig genoeg verklaart ook deze pagina ‘110% anti-pedo’ te zijn. Pedoseksualiteit kun je immers ook boycotten, en als je er maar fanatiek genoeg mee doorgaat, verdwijnt het vanzelf.
De stilte
Stil
na boze woorden
Stil
nu even niet
Stil
laat me begaan
met zorgen of verdriet
Stil
er valt niets meer te zeggen
Stil
het gaat vanzelf voorbij
Stil
kondig jij je aftocht aan
Stil
verlaat je mij?
Stil
vult mijn hart met 1000 angsten
Stil
het zacht geluid van mijn gegrien
Stil
je zult er nooit van weten
Stil
je hebt me niet gezien
Stil
tot het eind van alle dagen
Stil
slik ik wat rest aan vragen
Stil
denk ik soms nog aan jou
Stil
blijf ik liggen
tot de pijn verdwijnt
Stil
ben ik de gevallen vrouw?
© 2026 KutBinnenlanders.nl
Theme by Anders Noren — Up ↑


Reactietjes