KutBinnenlanders.nl

Dag: 3 augustus 2011

Zomergasten recensie: Dick Swaab

Het eerste fragment dat neurowetenschapper Dick Swaab ons voorschotelde in deze aflevering van Jelle Brandt Corstius’ Zomergasten was geen film maar een schilderij, het beroemde “Anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp” van Rembrandt. Hij wist te vertellen dat het niet geheel oorspronkelijk was: na een brand was alleen het centrale gedeelte overgebleven, waarna de restaurateurs de overige chirurgijnen erbij hebben weten te herschilderen, naar aanleiding van een schets van Rembrandt en van andere portretten die deze vermogende mannen van zichzelf hadden laten maken.

Het tweede fragment had mij op het puntje van mijn stoel: het relaas van Bart Hughes, de dag na dat hij een derde oog in zijn voorhoofd had geboord. Het toeval wil dat ik Bart Hughes in persona heb gekend. Hij kwam wel eens bij ons op bezoek, toen ik nog met een vriend van hem samenwoonde. U begrijpt wellicht dat het fragment mijn volle aandacht had, temeer dat ik weet dat de foto’s die van zijn omzwachtelde en bebloede kop door Cor Jaring zijn gemaakt fake zijn. 

Het ging zo:

Toen Bart Hughes besloten had zichzelf te trepaneren, nodigde hij de pers uit en een aantal van zijn vrienden waaronder Simon Posthuma, Jasper Grootveld en Louis van Gasteren om aanwezig te zijn bij de ingreep. Cor Jaring zou foto’s maken. Op een tafeltje lag een wit laken met daarop drie chirurgische boren. Toen het moment suprême aanbrak bleken de boortjes te zijn verdwenen. De pers haalde bakzeil, en Bart redde wat te redden viel door Cor Jaring foto’s te laten maken van zijn (nep-) bebloede hoofd omzwachteld in eveneens bebloede doeken. Op die foto’s, die de wereldpers haalden, kijkt Bart doordringend in de camera. Het fijnste detail in deze hele affaire is dat, als je het ze vroeg, Simon, Jasper en Louis alle drie zwoeren dat ze degene waren die de boortjes had gejat, en zeker niet in teamverband. Op een later tijdstip, toen er geen pers bij was, heeft Bart zijn wereldberoemde derde oog toch nog weten te boren. Bart schreef boeken, zoals: Brieven aan de supermens en The book with the hole (dat werkelijk doorboord was door een flink gat dat door alle bladzijdes heen ging). Hij had een charismatische persoonlijkheid en (daardoor?) volgelingen, die allemaal een gat in hun hoofd lieten aanbrengen, en op gezette tijden – en bij voorkeur wanneer ze midden in een drukke kamer waren – op hun kop gingen staan voor een betere doorbloeding van de hersenen. Zo heb ik de onderbroeken van een ex van Bart veelvuldig mogen bewonderen. Toen Bart dood ging is hij gecremeerd. In de jaren nul is zijn as begraven op Zorgvlied. Een deel daarvan is bewaard en later door Arie Taal meegenomen naar Engeland, om begraven te worden op een eiland in het landgoed van Amanda Feilding, ook een volgelinge van Bart.

Een heel smakelijk fragment was “De rede van Monseigneur Bekkers” uit 1963 waarin de bisschop een lans breekt voor het gebruik van anticonceptie. Zo zwartwit konden wij het niet uit het fragment opmaken, maar blijkbaar was dat genoeg om hele katholieke volksstammen naar de huisarts te laten spoeden voor de pil, die vanaf dat moment “het lekkers van Bekkers”ging heten. Volgens Swaab kwam dat omdat het team van zijn vader, die als vooraanstaand gynecoloog betrokken was bij de totstandkoming van hormonale anticonceptie, een list had bedacht. Ze presenteerden het middel als een medicijn tegen onregelmatige maandelijkse cycli. Binnen de kortste keren was dat dan ook een veelvoorkomende kwaal onder katholieke vrouwen.

De oom van Swaab en zijn gezin werden vermoord door de nazi’s. Zijn familie sprak er niet over. Ze hadden het verdrongen, wat Dick Swaab een goed mechanisme vindt; het kost alleen zoveel energie, om al die nare ervaringen coûte que coûte in het onderbewuste te laten blijven.

De uitzending was doorspekt met kostelijke wetenswaardigheden. Hongerwinterfoetussen, bijvoorbeeld, hebben later meer kans op allerlei kwalen zoals depressie, maar ook vetzucht. Ze blijken tijdens de zwangerschap te hebben aangeleerd om elke partikel voedsel ten volle te benutten. En wist u dat paracetamol invloed heeft op de seksuele differentiatie van het ongeboren kind? Verder leerden wij dat sport in het algemeen en boksen in het bijzonder ongezond is. Zo blijkt tussen de 40 en de 80% van de boksers uiteindelijk een hersenaandoening zoals Alzheimer ontwikkelen. In het geval van Muhammad Ali was dat het syndroom van Parkinson (wat niet hetzelfde was als de Ziekte van Parkinson, liet Muhammad niet na te benadrukken). Muhammad Ali, die geboren was als Cassius Clay, maar een moslimnaam aannam toen hij in de ban raakte van de Nation of Islam, de separationistische beweging van de legendarische Malcolm X. Dick Swaab is dan ook voorstander van een verbod op sport, heuh… neem me niet kwalijk, op BOKSEN, natuurlijk, iets dat hij “pornografie” noemt.

“Tijd voor iets lichts” kondigde Jelle opgewekt aan, waarna het volgende fragment werd vertoond: een stukje uit “Birds” van Hitchcock – zelden iets gruwelijkers gezien. Verder werd er over pedofilie gesproken (Dick Swaab, net als schrijver A.H.J. Dautzenberg en ik, vindt dat je pedofilie niet terug in de kast moet opsluiten, maar pedofielen juist goed moet begeleiden), waarbij ik het beeld maar niet uit mijn geestesoog kon verdrijven, van een Muhammad Ali die zijn tegenstribbelende kleuter stond te lebberen dat het een lieve lust was. Ook toen het fenomeen Prader-Willi aangestipt werd (een chromosomale afwijking waardoor verzadiging nooit optreedt), en we zagen dat lijders aan dit syndroom confrontatiezoekend en agressief waren, moest ik wederom ongewild aan Muhammad denken. Dick Swaab had de statistieken paraat: 1 op de 30 000 werd hiermee geboren. Ik kan dat met de beste wil niet geloven. Als ik om me heen kijk, wemelt het ervan. Nederland is volgens mij tjokvol met Prader-Willipatiënten: moddervette agressievelingen met een veel te kort lontje.

Euthanasie kwam aan bod. In Nederland, in tegenstelling tot in de rest van de wereld, is vrijwillige levensbeëindiging wettelijk geregeld. Dat is een zegen. Maar als hersenonderzoeker maakt Dick Swaab te vaak mee dat dat niet geldt voor het geestelijk lijden. Als je een fysieke beperking hebt waarbij je uitzichtloos lijdt, dan is het pad geëffend. Zo niet bij hersenzieken – ze zijn in de regel niet meer in staat om hun wil tot sterven duidelijk te uiten. Daarom Dicks oproep om dat vroegtijdig te regelen, al biedt dat geen garanties: de patiënt in het fragment “Voor ik het vergeet” werd uiteindelijk door zijn arts in de steek gelaten. Volgens Dick Swaab werd euthanasie veelvuldig toegepast lang voor er een wettelijke basis voor kwam. De patiënt gaf aan niet verder te willen, de arts constateerde het uitzichtloze, sprak met de familie, en verhoogde het infuus (morfine, waarschijnlijk). De schouwartsen hebben hier zelden een probleem van gemaakt: het was immers overduidelijk het beste om te doen.

Verder is de avond opgeluisterd door magistrale uitspraken van Dick zoals:
“Een open democratie waar mensen erop gewezen worden dat de weg naar xenofobie niet mag.” als antwoord op de vraag: “Wat is de oplossing tegen oorlog?” of: “Het brein maakt zijn eigen werkelijkheid vanuit fragmenten”, “Iedereen heeft zijn eigen werkelijkheid”, “Het hele leven is toeval, NATUURLIJK”.

Wij, in tegenstelling tot Jelle, die deze draad liet bungelen, sluiten af met het kernbegrip van Dick Swaab:
“Ik geloof in toeval: het toeval is de reden dat we hier zijn, dat leven is ontstaan. De evolutie heeft ervoor gezorgd dat het leven zich ontwikkeld heeft. Nu we hier toch zijn moeten we er maar het beste van maken.”

 

Bananarama Consultancy // Klotespel

 
De auto met in zich de president directeur grootaandeelhouder van Bananarama Consultancy Groep en haar dochterondernemingen, boorde verder door de nacht. Hij was nu buiten de bebouwde kom. Otto was niet aan het opletten. Hij speelde met zijn hypermoderne smartphone een vreemd spelletje. Vogeltjes moesten huisjes bouwen met stokjes binnen een bepaalde tijd zonder dat egels en andere vogels die boel in het honderd stuurden. Er waren ook dingetjes die knabbelden aan de fundamenten van het huisje. Otto vermoedde dat het maden waren, maar helemaal zeker was hij er niet van. Wat een klotespel. Hij voelde zich ontzettend moe en legde zijn hoofd op het stuur. Van verantwoordelijkheden raak je uitgeput, bedacht hij zich. De metalige toeter klonk. Zijn bolide gromde onverminderd hard, aangevuurd door Otto’s rechtervoet. Verantwoordelijkheid, dat gaat je niet in je koude kleren zitten. Het is alleszins geen kattepis. Maar dat hoeft een alwetende verteller Otto niet aan zijn neus te hangen.

 

De vlag van Joost

Het kermisvolk is de stad weer uitgehobbeld. Maar niet voordat er op de laatste dag een heuse rel was. De zondagsrust was namelijk in het geding! Om de Here niet voor het wolkige hoofd te stoten, zijn de kermiszondagen ‘rustdagen’. Heeft U dat dan nooit gemerkt? God houdt namelijk niet van suikerspinnen, draaimolens en platte house. Een koopzondag, voetbalwedstrijd of evenement kan de Heer dan weer wel velen. Dat vindt Hij gezellig, schijnt.

En dus moet op Dag des Heren de kermis een sereen en sacraal karakter hebben. Echt waar, er heerst tussen de gebakskramen en spookhuizen dan een intense mystiek en diepzinnige sfeer. Even bezinnen bij de cakewalk en memento mori in de schiettent.

Wie ziet erop toe dat die hemelse geboden worden nageleefd? Kermispaus Joost Möller. Onze eigen wethouder is door de doorluchtige Hemelvorst uitverkoren de rust op kermiszondag te bewaren. Dus werd een kroegbaas vriendelijk verstaan gegeven dat zijn podium de goddelijke geluidsnormen overstegen. Sorry kudde, Gottesbefehl is Gottesbefehl. De zondagsrust was in gevaar. God dreigde vertoornd te worden. (Een beetje opperwezen had dit varkentje natuurlijk zelf gewassen door die dj te trakteren op een bolbliksem, lijkt me zo.)

De kermispaus stuurde zijn eigen gezanten om de blasfemische ondernemer op de vingers te tikken. Wat diende te geschieden? De dj mocht niet meer op het podium. Want een dj op een podium is volgens de aardse bepalingen een ‘buitenoptreden’ en dat is op zondag weer tegen het zere been van de Schepper. Gij zult buiten niet optreden op de Dag des Heren!

Raad eens hoe dit werd opgelost? …

Nou, weet u het al? Hint: we zijn in Tilburg, een katholieke gemeente.

Nee? Met een lapje stof! Die Joost Möller toch! Als een echt katholiek waste hij dit theologische varkentje. Want –eureka!- als de dj nu achter een vlag plaatsnam, was het geen buitenoptreden meer! “Als er een vlag voor hangt, is het hetzelfde als plaatjes draaien vanuit een café”, wist de Hogepriester van de botsautootjes ons te vertellen.

Als een heuse Koning Salomon had de kermispaus hier een geloofskwestie snel en handig opgelost. Wat wil je nog meer? God tevreden, ondernemer kan muziek draaien. Een mooi precedent. Achter een vlag mag alles. Een ambtenaar die even geen zin heeft om te werken gooit een vlag over zichzelf heen voor een welverdiend dutje. Fout geparkeerd? Gooi een vlag over uw auto.

Maar al Zijn profeten lijden, zo blijkt wel weer. Want dit verhaal plaatst Möller toch in dubio. Hoort hij nog wel thuis bij de liberalen? Als je toch zo’n gevoel hebt voor onnozele, hypocriete oplossingen ben je toch zeker beter bij het CDA op je plek? Een partij die uitblinkt in kruiperige politiek en het geloof – hoe onzinnig ook – alleen aanwendt voor zetelwinst. Denk er maar eens over na Joost, achter een vlag.

 

© 2022 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑