De secretaris betreedt het enorme kantoor met de ellenlange vergadertafel van de ultra agressieve steaketer van het oorlogsgebeuren. Zeg maar de aanstoker en de aansteker tegelijk.

Hij ziet geen spoor van het vlijtige bijtende baasje tot hij het bureau nadert en twee in schoenen gevatte voeten ziet liggen. Daaraan verbonden ligt verder het hele lichaam op de grond. Meteen verwittigt de secretaris de paleiswacht.

De rest behoort tot de routine. Zelfs het moordwapen treffen de onderzoekers van het parket aan: een Japanse porseleinen briefopener, bebloed maar ongebroken. Dit porselein is harder dan staal.

In het communiqué na afloop is nergens sprake van een samoerai.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.