KutBinnenlanders.nl

Auteur: Marc Tiefenthal (Page 1 of 15)

In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Gezond recept

 

Lachgas lijkt vluchtig, luchtig en doeltreffend. Je mag het niettemin niet in je auto vervoeren. Deskundigen van allerlei kunne zijn het er over eens dat als je het recreatief gebruikt, je gezondheid ernstig bedreigd wordt. Misschien krijg je er wel gegarandeerd een dementie van.

Ogenblik! U zegt recreatief. Is dat om te lachen?

Juist. Even toelichten. Als je het gas inademt en goed doorsnuift, door de longen heen naar het bloed toe, weet je wel, beleef je een roes. Haai in de skai, zoals dat vroeger heette.

Dat is echter niet meer om te lachen maar om te ontspannen. Om dan eindelijk toch te kunnen lachen, omdat het spontaan niet meer lukt.

En dat heet een gevaar voor de gezondheid?

Je kan inderdaad beter spontaan lachen, zonder hulpmiddel. Zoals we ooit leerden zweven zonder roesmiddel. Juist. Poëzie dus met een vleug humor.

 

Slim naar Antwerpen

 

Zo heet de webstek die ons, brave en mobiele burgers, wegwijs moet maken in de lez en andere zones. Ik had een opdracht versierd in Antwerpen. Het meest eenvoudige middel om er naartoe te gaan, dacht ik, is de auto. Hoewel ik in Berchem moest zijn, zou ik toch heel even in de lez rijden, wat minstens 35 euro kost. Niet slim zo’n extra tol. Op die webstek vond ik niet meteen een slimme oplossing. Geen alternatieve lezvrije oplossing, geen alternatief. Slim? Ja, zal wel.

Ik dacht ik neem de trein en stap uit in Berchem Station. En dan te voet of met het openbaar vervoer. Niets van. Uitstappen moest ik in het Centraal Station en dan een heel eind terug naar Berchem met de tram. Te gek. Temeer daar de trein hopeloos onbetrouwbaar blijft.

Hoe dan wel? Ik reed met de auto naar Melsele, parkeerde er gratis en nam de tram. Eenmaal overstappen. Trein plus tram zou ongeveer dertien euro kosten. Nu heb ik vijf euro betaald heen en terug. En ik was stipt op tijd. Ben ik dan slim? Die webstek alvast niet.

 

Onwijs hoe het leven

 

Wijd en zijd verspreid over sociale media, met eind-e inderdaad bekt vollediger, liggen vele malen de zinnen van het leven. Levensvisies en dito wijsheden.

‘Als het maar spannend is’, bijvoorbeeld. Tot ze van de spanning in diepe stress vallen en opbranden. Ze zouden beter een spannend boek lezen.

‘Als ik maar passie voel’. Tot ze in een depressie vallen. Er bestaan nochtans boeken genoeg die druipen bij wijze van schrijven van de passie. Ik denk niet alleen aan het Nieuwe Testament, hoor. Wie vol passie leeft zal lijden. Wat dacht je anders dat passie betekent? Juist, lijden;

‘Als het maar opschiet’. Mijn geliefkoosde levenswijsheid. En dan schieten ze maar erop. Ver geraken ze niet. Nog iemand anders immers schiet terug en meestal raak. Dan schiet niets nog op.

Dan worden ze vijftig jaar of zo en zingen: ‘Is dit alles? Is dit alles? Is dit alles wat er is?’ Ja, doe maar.

 

De wereld draait al lang door

 

De firma waar ik eind jaren 1970 werkte, ‘deed’ in mensenrechten, was multinationaal, telde vierenveertig lidstaten of filialen, hield eenmaal per jaar een algemene vergadering in een van de lidstaten. Dat jaar was ons land aan de beurt.

De organisatie liep gesmeerd, we konden al eens improviseren, een vergadering meepikken en kregen na afloop van het volgende gastland te horen: ‘Het wordt voor ons moeilijk dit te evenaren’. Ik was toen nog behoorlijk groen achter mijn oren.

Een week lang vergaderen en op dag acht persconferentie. We waren op dag zeven aan het opruimen, de laatste vergadering zat er op, het was middag. Ineens stond daar een trio waarvan een man een reuzencamera vasthield als gold het een mitrailleur. Ze spraken Frans. RTBf. ‘Middag. We zijn van het televisiejournaal. Uitzonderlijk hebt u recht op drie minuten in onze uitzending vanavond. We willen uw secretaris-generaal spreken’.

Ik besloot dat uitzonderlijk recht met voeten te treden. ‘Die drie minuten zijn uw zaak. U komt te laat. Donderdag was er ’s avonds een vergadering die open stond voor beleidslui en journalisten. Jullie waren er niet en toch had ik ook jullie uitgenodigd. Ingerukt’. (Cassez-vous)

Zienderogen en –oren daalde de toon en hun gestalte; hun knieën werden van de weeromstuit soepel. Ze bogen. ‘Zou het toch mogelijk zijn hem te spreken?’ ‘Kom  morgen na de persconferentie. Ik zou niet weten waar hij nu is. Aan het laatste middagmaal? Al op weg naar Brussel? Zijn kamer aan het opruimen?’

Toen gingen ze helemaal door de knieën. Ze stapten ootmoedig uit  hun hoge toren en daalden af. ‘Neem wat beelden van het decor hier, we zijn het aan het afbreken’. En ik zocht en vond de secretaris – generaal die hen te woord stond. Hogetorenmentaliteit. Treurbuisgespuis. Grenzen overschrijden is zo gebeurd. Ze terugdringen achter die grenzen daarentegen

 

Het spontane vanzelf

 

Onze huisarts zegt het af en toe: er zijn aandoeningen die vanzelf verdwijnen. Het lichaam is nu eenmaal een organisme, dat in staat is zichzelf bij te sturen.

Als een machine een aandoening vertoont, zit er meestal niets anders op dan bij de automecanicien langs te gaan en het onderdeel te vervangen of te herstellen.

Zo had mijn auto, een zelfontploffer, een falende sensor in de uitlaat, waardoor het beheersysteem van de motor het vermogen deed dalen. Het stuk in kwestie is redelijk duur en vraagt veel werk om het los te krijgen. Ik trok mijn schouders op en bleef rijden met honderd in plaats van honderdvijftig pk. Niet echt flitsend en volop schakelen om hellingen te nemen.

Af en toe kreeg mijn motor opnieuw zijn volle vermogen. Duurde hooguit enkele uren. De laatste twee weken echter blijft de motor op volle rendement draaien. Is die sensor omzeild?

 

Laag- en laatdunkend

 

Ik heb ooit een commentaar van mij zien schrappen uit het groot smoelenboek (faceboek). Ik had me laatdunkend uitgelaten over mijn favoriete schelddoelgroep, de Chinezen. Ik noem ze ook Sjintokkers, nog voor ze zichzelf TikTok noemden. De censuurcommissie van het smoelenboek had dit opgevat als haatspraak. Door een epidemie te laten uitgroeien tot een pandemie stegen ze voorwaar in mijn laatdunkendheid.

Een andere favoriete doelgroep van mij zijn de Rikanen, zoals ik de inwoners van de Verenigde Staten noem. Ooit pioniers, veroveraars van het Wilde Westen en bevrijders van Europa zijn ze verworden tot een stel junkies die zich voeden met nepnieuws en oerbelachelijke theorieën, niet over marsmannetjes, maar over linkse elites die in de kelder van een pizzarestaurant in New York complotten smeden en kinderen lokken en verkrachten. Ze dringen zich op voor tv-camera’s om hun boodschap te spuien in het gezicht van de kijker, om daarna bier te gaan drinken dat nog minder voorstelt dan Heineken. Ja, ja, ik weet het, het is een karikatuur. Daarmee heb ik toch weer mooi gehad.

 

Doet de lengte ertoe?

 

Nee, hoor, dit gaat niet over de penis. Daar wordt elders vaak genoeg over geluld. De gemiddelde gestalte van politie-inspecteurs in dito romans, dat is de kwestie: die bedraagt doorgaans een meter vijfenvijftig tot een meter vijfenzestig. In spionageromans bedraagt de gestalte van de geheim agent vaak meer dan een meter zeventig.

Bestaan daarover afspraken tussen de schrijvers of gaat het om onuitroeibare stereotypen? Of speelt er nog wat anders mee?

Directeuren van hotelzalen geschikt voor congressen of seminaries, die tegen een blanco agenda aankijken of afrekenen met een dood seizoen, zouden de idee kunnen opperen een lezingenreeks gevolgd door een debat aan deze kwestie te wijden. De titel heb ik al gesuggereerd en hij staat borg voor veel belangstelling, zij het misplaatst. Vele landen huisvesten vele universiteiten en daar zouden zeker wel enkelingen, onderzoekers, hoogleraren, assistenten en dies meer zich met dergelijke kwesties kunnen inlaten, hetzij aan de faculteit der letteren, hetzij aan de faculteit der psychologie.

Zo’n directeur speelt de kwestie dan handig door aan een evenementenbureau en na enige  tijd loopt zijn zaal weer vol. Hij mag evenwel niet vergeten enkele journalisten een exclusief doch gratis toegangsticket op te sturen.

 

Wat blijven hangen

 

Hoe vaak valt onvertogen de zegswijze ‘In een volgende aflevering van dit programma …..’, dan kijk ik steevast de andere kant op. U niet? Aflevering kan ook uitzending heten. Eigenlijk doet dat er niet eens toe. Als de kijker maar reikhalst.

Of je laat in een serie de held van een klif vallen waarbij hij net op tijd zich kan vastklampen aan een uitstekende boomwortel. Einde aflevering. De kijker kijkt gegarandeerd uit naar het vervolg. En van de ene klifhanger naar de volgende rijg je een serie aaneen.

Momenteel loopt in België een spannende reeks, zij het dat er geen dagelijkse maar wekelijkse afleveringen zijn. ‘Burgemeester zet een stap opzij’. Kijkt wel uit om niet van een klif te vallen of iemand zou hem of haar moeten duwen. In deze serie zijn man en vrouw elkaars gelijke en aan elkaar gewaagd. De jongste uitzending had als titel: ‘Er zijn burgemeesters die niet weten dat er een plichtenleer bestaat’. Wie zal als volgende een stap opzij zetten? Kan het erger dan in Sint-Truiden? Wat deden Bart de Pezewever en zijn schepen van cultuur in Rabat? Wordt vervolgd.

 

Stoelen en/of banken

 

Het is ondenkbaar, een herberg met aan de ene kant stoelen en aan de andere kant banken, met tafels ertussen.

Steek je dan maar iets onder tafel? Of toch maar onder stoelen of banken?

We weten verder heel weinig van de Britse pubs. Van de Ierse toch iets meer. Ieren drinken tot ze beginnen zingen, dansen, al dan niet op of onder tafels, nooit onder stoelen of banken. Of tot ze na sluitingstijd wikkelwaggelend naar huis sloffen. He, loopt daar niet Charly Chaplin?

Zwart pak, wit hemd, das, bolhoed, wandelstok. Even draait hij op zijn hakken op de stoep en steekt dan in een vloeiende doch waggelende beweging de hoofdstraat van het stadje over. Omstanders houden hun adem in. Hij haalt heelhuids de overkant! Hij mompelt: ‘God bless’.

 

Zie de bank

 

Naast de bank in het park erkennen we dus ook de geldbank. Bij twee gelegenheden ben ik onlangs binnengegaan bij drie banken: twee grootbanken en een kleine.

Opvallend bij de eerste grootbank was het totaal gebrek aan onthaal. Je moest een smoes bedenken om binnen te geraken zonder afspraak. Aangezien deze grootbank telefonisch niet echt bereikbaar is, ging ik zo naar binnen. Ik werd staande te woord gestaan. Juist: te woord gestaan, dus. De onthaalbediende beloofde me staande dat er een antwoord zou komen in de loop van de dag. Het antwoord bleef die dag uit.

Een tweede grootbank ontvangt de klanten eveneens staande. Daar was de zaak evenwel zo goed als meteen geregeld, zonder zitcomfort. Grootbanken zien hun klanten dus niet zitten.

De derde bank, een kleine, waar ik een luttel bedrag uit een erfenis zou regelen, is telefonisch wel bereikbaar en maakt een afspraak via email. De filiaalhouder in persoon ontving me in een modern smaak- en lichtvol kantoor en regelt de zaak rustig en in geen tijd.

Klein is fijn, groot vaak idioot.

 
« Older posts

© 2022 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑