KutBinnenlanders.nl

Auteur: Marc Tiefenthal (Page 1 of 6)

In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

In het wild

 

Kloppen of drijven, de jacht is open. Het wild zal delen in de kloppen en het drijven. Met trillende poten staan de honden klaar, de snuit omhoog.

Dan heb je de jagers nog, goed uitgerust, wat zeg ik? Volledig uitgerust met gordelpatronen en geweren, camouflagepakken en dito hoedjes. Iedereen is er klaar voor.

Wat verderop trekken drie vissers voor dag en dauw naar de oever van het stuwmeer. Eenmaal aangekomen monteren ze hun hengels, steken aas op de haakjes, werpen aas en lijn in het water en wachten. De een gaat zitten op een stoeltje, de ander blijft staan, een derde loopt de oever af, trekt zijn lijn op, gooit die terug, enz.

Het is nog te vroeg om te weten wat de dag zal brengen.

 

Weersomstandig

 

Nou goed, het weer was omgeslagen. Gisteren was het vochtig en viel er regen, of omgekeerd, vandaag valt de kou op en de zon. Helemaal fris.

Opgewekt loopt de diender zijn ronde. Voorbij de rotonde houdt hij een wagen staande waarvan de bestuurder met zijn hoofd uit het raam hangt. Reden genoeg, vindt de diender, om hem te bekeuren.

‘Zo, heerschap, wat hangt u hier buiten de auto met uw hoofd?’

‘Gewoon even een frisse neus halen.’

Daarop spreekt de diender hem wijselijk toe met de beklijvende woorden: ‘Een frisse neus haal je best te voet’.

 

 

Stress

 

Hij wordt wakker. Alhoewel, wakker? Nauwelijks. Van opstaan is geen sprake. Enkele nachten op rij dreunt een gast rond drie uur ’s nachts het huis binnen. Hij wordt er bruusk door uit zijn slaap gewekt.

Zo kan het niet verder. Met vereende krachten slaagt hij er alsnog in op te staan. Hij eet heel even wat, drinkt iets en gaat de huisarts raadplegen. Deze doet gewetensvol zijn routineonderzoek en glimlacht. Het is dus niet erg.

‘Stress’, zegt de arts. ‘Je spieren hebben niet meer voldoende tonus op je op de been te houden.’ Hij schrijft twee vitaminen voor. Twee dagen later is hij weer de oude. Een jaar later is de vervelende gast onmerkbaar persona non grata geworden.

 

 

Verleden, heden en toekomst

 

Geven we achterblijvers spontaan gelijk of steevast ongelijk? Deze vraag zou weldra die over het koloniaal verleden, het verleden racisme en de zin van vaccinatie wegspoelen. Twee kanjers uit de media spannen samen. Ze willen het debat bijsturen, desnoods ombuigen.

De fles wodka tussen hen in is halfleeg, hun glazen halfvol.

‘Wie zullen we daarvoor in schakelen?’ ‘Die komiek van de eindejaarsconférences. Hij zit al een tijdje droog, doet al een paar jaar geen eindejaar meer.’ ‘Goed idee. Wie zal hem betalen?’

Alles en iedereen en nog wat presteert immers pas als hij of zij wat toegeschoven krijgt. ‘We vinden wel een sponsor. Als het moet laten we de Boerenbond wat geld ophoesten. Of de Voetbalbond. Ze kunnen die bedragen altijd aftrekken in hun belastingvoordeel’.

Spontaan nemen beiden hun glas, klinken op de achterblijvers en drinken het in een teug leeg.

 

Café en wetboek

 

‘Napoleon schreef eerst een heel wetboek vooraleer hij zijn oorlogen aanvatte’. Op dit uur van deze dag zit het café Napoleon goed vol. De man aan het woord lijkt haast erudiet. Misschien is hij bibliothecaris. Dan zou hij een grote insteek hebben, die niet onderdoet voor de steek op het hoofd van Napoleon. Zijn gesprekspartner aan de toog geeft snelle repliek: ‘Die oorlogen heeft hij verloren maar met zijn wetboek zitten we nog steeds opgescheept. Wie schrijft die blijft’.

In een halfduistere hoek van het café ontmoeten een man en een vrouw elkaar. Lang zullen ze hier niet blijven.

Buiten is het weer halfzacht, geen echte winter. Toch voelt het kil aan.

 

Uit de bocht uit het hart

 

De bocht ligt er scherp bij. Bart Konijn, zo genoemd naar zijn tanden, woont er al sinds decennia. Hij houdt het zaakje in de gaten en houdt de boekhouding bij van het aantal en de aard van de slachtoffers. ‘Ik word er niet rijk van noch wereldberoemd. Ik heb al die ambities niet’, legt Bart geduldig uit. ‘Mijn tuin is het enige dat telt. Dat ik daarna de bocht bijhoud is bijzaak’. Hij pauzeert even.

‘Niets overtreft groenten uit eigen tuin en eieren van eigen kippen.’

Denkt Bart Konijn dan nooit globaal? ‘De andere wereld? Op woensdag rijd ik met de fiets naar de markt in de stad om fruit te kopen. Mijn appelboom en perelaar geven niet genoeg om het een jaar lang vol te houden en ik eet graag al eens iets exotisch.’ Zijn oogjes twinkelen. Verder vragen we hem niets.

 

Op café

 

Die ochtend in het dorpscafé. ‘Het virus heeft de gele hesjes verdrongen en overwonnen, wat ik je brom.’

‘Hoezo?’

‘Hoor jij nog iets van die gele hesjes? Nu zijn het de lulploegsteerten die geen vaccin willen die op straat komen. De oproerkraaiers hebben hun hesje aan de haak gehangen en roepen nu tegen het virus en tegen het vaccin.’ ‘

En weer kan de politie ze nat en plat spuiten’.

‘Juist, de politie is de enige factor van zekerheid in deze onzekere tijden’.

Daarop bestelden ze nog een rondje. Op de televisie speelde een voetbalwedstrijd, ver van ons bed, er zat haast niemand naar te kijken.

 

Hik et nunc

 

De hik is een gretig bestudeerd verschijnsel. Hij maakt geen onderscheid tussen links- en rechtshandige, jong en oud, vrouw en man, rijk en arm … zijn er nog tegenstellingen? De hik maakt er komaf mee.

Een multidisciplinair team kwam tot deze conclusie. Een half schrandere socioloog stelde voor de hik een jaardag te geven. Hij gooide het in de groep maar ving bot.

‘Er zijn al genoeg jaardagen die bovendien eenzijdig de focus leggen op een kant van de medaille, op een enkele kant van de tegenstelling. Een jaardag voor de linkshandigen, niet voor de rechtshandigen, die blijven die dag lekker in de kou zitten. Ze hebben overigens geen jaardag en hebben die niet nodig. Zo werkt dat dus. De hik zou dat spel bederven.’

Aldus sprak de filosoof in het team. De wiskundige viel hem meteen bij. De anderen volgden schoorvoetend.

 

Goeie God Godiva

Dierenleed, alweer een deel

Op mijn lijdensweg naar de faculteit diergeneeskunde overvalt me een ondraaglijke gedachte die me meteen op de rug valt.

Ik ben tenslotte een lastdier. Die gedachte brengt me in beeld als het paard dat een naakte vrouwe Godiva draagt. Zij draagt zwarte nylon kousen en verder niets. Of misschien toch een vleugje parfum?

Haar lange haar valt veel te mooi over haar rug om waar te zijn.

Ik voel op slag minder hard de reuma in mijn gewrichten.

 

Liever geen politiek?

Er heerst zenuwachtigheid bij de veiligheidsdiensten nu er bij een homofobe nazi-achtige extreem rechtse politieke partij een ondervoorzitter uit de kast is gekomen. “Ja, ik ben”, zo sprak hij en getuigde. “Ik ben die ben een homo”.

Daarmee doorbrak hij de classificatiecodes van de veiligheidsdiensten. Stel dat morgen een vooraanstaand lid van een groene partij in een verstaatsing verklaart dat kerncentrales nog tien jaar langer mogen openblijven. Of dat bij de voormalige socialistische partij Vooruit er toch een socialist zou aangetroffen worden bij de jongeren. ‘Ja, maatje, zo gaat dat hier niet’, waarop hij verkocht wordt aan de PvdA.

Het lijkt wel voetbal. De veiligheidsdiensten draaien bijaldien overuren om hun modellen en classificaties bij te sturen, terwijl de vijand, extreem rechts, aldus meer speelveld krijgt.

Toen werk ik bruusk wakker.

 
« Older posts

© 2022 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑