KutBinnenlanders.nl

Auteur: Marc Tiefenthal (Page 1 of 12)

In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Om zeep

 

Als het aan de wereld lag was het morgen afgelopen. Als een schepper bestaat voor deze wereld, hij zou de hele zaak laten ontploffen.

Hoewel niets nog bij het oude blijft, blijft de wereld alsnog voort draaien.

In bar Heinze zitten twee voormalige wereldverbeteraars verbeten te mediteren over een wereld die niet meer te verbeteren valt.

Een tafel verder zit een man alleen. Hij vangt zonder het te willen flarden op van het gesprek van de twee voormalige wereldverbeteraars.

De vrouw aan de tafel aan de andere kant leest een boek, nipt van haar thee.

 

Nationalisme

 

Je zou het land het land kunnen laten of het wat groter kunnen maken, door het samen te voegen met andere landen.

Zo bouw je een natie: het land als deel van de natiestaat met andere landen. Zo werd Duitsland gemaakt, of Italië. Samen sterk.

Vaak gaat het niet echt samen. Steden blijven vaak steden, ongeacht tot welke natie ze behoren. Samen sterk?

Soms spreekt het ene land een andere taal dan de andere. Welke taal spreekt de natie dan? Een taalstrijd barst los. Zoals in België. Daar vonden de Franstaligen dat hun taal dan maar de landstaal moest worden. Is niet gelukt. Het is niet altijd de taal van de sterkste die het wint. David kan immers groeien en op een dag Goliath met een vingerknip verslaan. Hij kan Goliath weerstaan en zelfs op zijn knieën krijgen.

Spanje en de Basken of de Catalanen.

Het Verenigd Koninkrijk, Schotland, Wales. De Brexit zou het Koninkrijk wel eens minder Verenigd kunnen maken als Schotland zich afscheurt en tot de Europese Unie toetreedt. Ik zit er al een tijd op te wachten.

Toch kan achter zowat elke bocht een park verschijnen. Geen land, geen natie kan ongeschonden het aanzicht van een stad wijzigen.

Het zijn barbaren, vreemden dus, die daartoe in staat zijn. Alsof ze het land hebben aan dit of dat land. Ze verwoesten gebouwen, parken, mensen omwille van hun eigen natiestaat, om die te vergroten terwijl ze in feite van binnenuit stiekem wegrotten.

 

Een beestenfabel

 

Het kon kort nacht worden. We konden vervolgens gieren van het lachen en toch nog even hard gierend kort door de bocht gaan. Het plezier was geheel het onze.

We waren dit zo gewoon en droegen dan ook van die dure gesofistikeerde sportschoenen, er is zelfs een term voor bedacht, maar die doet er niet toe. We droegen die ook als we te gast waren in sjieke salons.

Later zou iemand, het nieuwe joch op straat, daar binnen stappen op die manier en roepen: ‘Hoi, mattekes, hoi toi en goede morgen, verder’. Hij werd ooit bij de koning ontvangen en droeg die zelfde kledij. Ja, tegenwoordig noemen ze dat fit en onvoordelig. Het is echter en blijft kledij. Zonder wordt het immers naaktloperij.

Niemand had echter ooit durven verwachten dat het joch een oude krokodil uit de gracht zou halen en op iedereen zou loslaten met de woorden: ‘Hoi, bende feeksen, kijk eens wie hier aan boord komt’. Het ongeloof was groot, het gemompel niet uit de lucht.

Het virus had inmiddels kort nacht gemaakt voor zowat iedereen. Bochten namen we met veel omzichtigheid. De oude krokodil ging het virus te lijf. Met succes.

 

Niet alleen handgranaten hebben een pin

 

Ha, de pin was helemaal van slag!

Het klinkt als een slagzin, is het ook wel. Nader onderzoek leert dat de poten onder haar stoel doorgezaagd waren, zodat ze, toen ze ging zitten, in luttele seconden op de grond zat;

Datzelfde onderzoek kan echter geen schuldige of andere verdachte vinden in het bezit van de bewuste zaag. Overigens was die zaag zich van geen kwaad bewust, doch dit terzijde. De zaag ligt immers al een paar uur terug op haar plaats in de materiaalkoffer. Vingerafdrukken genoeg op de koffer en geen enkele op de zaag.

De pin is het omstreden diensthoofd dat nooit voor tien uur op kantoor verschijnt, soms later als ze eerst naar de kapper is gegaan, ruim middagpauze neemt en om half zes steevast  het pand verlaat. Verder verdraagt ze geen getalenteerde medewerkers, ze houdt meer van middelmatige, onderdanige tot onderkruipigen. Dat alles is haar teveel geworden en wordt haar aangerekend. Het is een gebroken pin die de trappen afloopt, met een dreun de deur achter zich dichtslaat.

Ze vindt emplooi om de hoek van de straat en zal het ook daar verknoeien.

 

Weersomstandig

 

Huisjes en monsters, hoe heilig willen we ze hebben? Heilige monsters, klopt dat wel? In het Frans allicht wel. Geile monsters zeker.

Wat fijn, de mopperaar moppert.

‘Zeg, dikzinnige mopperaar, die monsters laten ze in het Nederlands in het Frans staan. Wilfried Martens was in zijn tijd het monstre sacré van de Wetstraat’.

De Wetstraat is het federale Belgische regeringscentrum. Capitol Hill, het Hofplein, Downing en zo meer, weet je wel.

Dan maar huisjes. De 16? Wetstraat. De 10? Downing. Matignon in Parijs draagt geen nummer.

Het humeur van de mopperaar staat zowaar op zonnig tot bewolkt. Matig tot strakke zuid- tot zuidwestenwind. Kan al niet meer uit veranderlijke richtingen.

 

 

Sporen en stof

 

Paarden laten met hun hoeven sporen na en doen stof opwaaien. Zover zijn we al. Of toch niet.

De banden van mijn fiets laten sporen na. Pas als ik hard rem, verschijnt achter mij een stofwolk.

Met opzet verzwijgen wij de auto. Om niet in de verleiding te komen, laten we heel even het bos links liggen. Even ernstig?

Je zou het haast denken, niet?

Hoe dikker de fietsbanden, hoe meer terrein je er kan mee rijden en stof doen opwaaien. Je rijdt er makkelijk mee over paden in bos en hei.

He, daar is toch nog het bos opgedoken waar de …/….. is ondergedoken, weet je wel.

Eigenlijk willen we het vandaag niet weten.

Sporen en stof volstaan.

 

Blij of droef?

 

‘Mijn vrijheid houdt op waar de uwe begint.’ Het kan zelfs omgekeerd. Met de vrijheid kunnen we heel veel kanten uit. Boutades daaromtrent bestaan in grote getallen.

Ze vormen de basis van het zogenaamde liberalisme. Het zou de consument te goede komen want waar concurrentie is, dalen de prijzen. Niets van aan dus. Concurrenten kunnen ook heimelijk samenspannen om de consument te plunderen. Denk aan de telecom in België. Veel te duur. Een vierde, jawel vierde, je leest het goed, moet ‘op de markt verschijnen’ om de prijzen alsnog te drukken. Wie gelooft dit nog? Klein land, beperkt oppervlak, geen al te grote netwerken dus en toch betalen we ons rot.

De energiemarkt is ook al vrijgemaakt. Het is inmiddels een rampgebied geworden. De gekste prijsstijgingen van de laatste maanden doen vermoeden dat de energieleveranciers ontoerekeningsvatbaar zijn geworden. Ze zijn te gek om nog langer los te lopen en moeten dringend beteugeld worden. Zelfs de toch wel liberale eerste minister van België is die mening toegedaan.

Ze zijn gek en vormen een bedreiging voor de vrije en de onvrije wereld.

 

Codes

 

Tik tegen de ruit, eenmaal kort, twee keer lang. Dat had ze gezegd. Makkelijker gezegd dan gedaan. Makkelijker ook tegen een deur. Maar tegen een ruit?

Anderzijds lag er altijd een sleutel in de oksel van de boom in de voortuin.

Hij, Boris, moest zich schuilhouden en ’s nachts als een dief bij zijn vrouw zien te geraken. Hoe diep was hij gevallen!

Eerst moest het feestvarken in hem eraan geloven. Daarna waren het ongepaste aanrakingen. Niet eens van hem. Hij raakte enkel zijn vrouw aan.

Hij tikt tegen de ruit. Weldra brandt er licht.

 

Hoe kijken we er tegen aan

 

In een vorig stukje eindigde ik het verhaal nogal abrupt door te wijzen op het gevaar van de bosneuker.

Bestaat hij en hoe bestaat het? Wil hij ons iets op de mouw spelden? Zijn er nog geen gevaren genoeg?

Mie toe, aanklachten wegens verkrachting of half wilde betasting, ja zelfs aantasting, voor de vrouwen is het geen pretje zich buitenshuis te wagen. En dan zou er daar bovenop in het bos….

Nee, in het bos, geen paniek. Als u te maken krijgt met de bosneuker, maak dan het geluid van een kikker. Gewoon kwaken, dus. Als de bosneuker terugkwaakt als een gewone, groene kikker, dan is het gewoon een groene jongen, een natuurliefhebber. Waarbij hij de vrouw ook tot de natuur rekent. Hij zal u dan ook op gepaste wijze neuken. Of niet, als u dat niet wilt.

Antwoordt hij echter als een brulkikker, dan is hij een aanhanger van de wilde en blonde authentiek. Dan maakt u zich beter uit de voeten. Hij neukt er immers zwaar op los en brult als hij klaar komt.

Als u daarentegen een bosneuker aan het werk of aan het spel ziet, hoeft u niets te vrezen.

 

Zelden slaat de zon hier ongenadig toe

 

Het is nog vroeg in de namiddag, aan de toog zit niemand, binnen in het café een enkele ziel. Iedereen zit buiten op het terras, in de zon of onder de parasol. Het is hier nog enigszins het noorden, verre van het zuiden.

‘Waar komt dat geweld in de wereld toch vandaan? Schiet men daarmee ergens op? Dagelijkse kost in de Verenigde Staten.’

‘Daar worden mensen nu eenmaal kort en dom gehouden. Daar zorgen honderden televisiekanalen steevast voor. Johny laat zelfs de treurbuis op staan als hij zijn geweer grijpt en naar buiten stapt’.

‘Hier en daar wil iemand er een eind aan maken’.

‘Hier ook, hoor, met onze strenge wapenwet gebeurt het eerder met een steekwapen, minder dodelijk en niet zo massaal’.

‘Voorbij de eindtermen naderen we de eindtijden’.

Ze doen er verder het zwijgen toe en drinken.

 
« Older posts

© 2022 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑