Twee kannibalen

 

Zaten twee kannibalen

in een ouwe vegetariër

te smullen van liefde

gesplitst in de maag

vechtend over die

eeuwoude vraag:

 

God, smaakt dat lekker

oud vegetatief

lief en het liefst

nog bekkentrekkend

in het hart nog een dief.

 

Die vroeger bij de slager

geen worst dorst te vragen

tot ze doorkreeg waar de

haken en ogen voor dienden.

 

En nu zijn we vrienden

ik vlees en zij geest

en driftig zijn we samen

nog nimmer geweest.

 

Timmerend aan wegen

en kliekjes gekregen

en zwervend door weiden

om het gras te bevrijden

 

God, smaakt zij lekker

toe nog even naar kont

het water loopt anders

alweer in haar mond

 

Want ze denkt vegetarisch

en dus weer aan jou

heeft je het liefst

vol groente en trouw.

 

Maar, liefste, oh ariër

Adolfus, vergeef me

ik hou het niet meer

en zeker bekeken

tot de volgende keer

 

helaas niet van strijd

en ook niet van rauw

En, als je het mag hebben

nog steeds niet van jou.

 

Twee kannibalen

riepen

in koortsige dromen 

tevergeefs vele malen:

 

Laat de slager nu maar komen!

 

 

 

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.