Op de derde of toch maar de vierde dag, we raken de tel soms kwijt, van onze Elfstedentocht kwamen we haar tegen.

Ze sprong voor onze verbaasde ogen in de houding en riep: ‘Wel, wel, welaan, weet u wel wie ik ben?’

Niemand onder ons bleek haar ooit te hebben gezien laat staan ontmoet. Moesten we onze tocht daarom onderbreken? Een meerderheid was tegen. We kozen een woordvoerder, die sprak: ‘Nee, helaas, we kennen u niet. Het spijt ons, we moeten verder.’

‘Ik ben de Dwalende Maagd en ik vervoeg jullie.’

We hadden geen tijd te verliezen dus mocht ze bij ons aansluiten, hoewel een maagd steevast voor problemen kan zorgen binnen de groep.

Die bestond gelukkig slechts uit twee personen.

 
Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.