Film van de dag: Argo (2012)

“Nee, nee, nee,” drong ik aan door de telefoon. “Je luistert niet. Ik heb het over écht duister.” Het onbegrip aan de andere kant van de lijn deed me even mijn voorhoofd betasten. “Duister, inktzwart, niets te zien. Dat. Echt, écht duister. Niet donkerblauw met sylhouetten. Niet zwart met lichtflitsen. Niets ervan. De logische volgende stap is volledige duisternis. Ja, als je niet luistert, dan blijf ik het natuurlijk niet uitleggen.” Ik hing op. Vijf seconden later belde mijn telefoon.

“Zeg nou niet steeds dat je het niet begrijpt, je begrijpt het prima. Het is namelijk ook volstrekt niet moeilijk. Duister. Meer niet. Meer laat je niet zien. Duister, that’s it. Alles pikzwart. Geen jamaar, nee, stop nou even. Écht duister. Dat men-“

Ik schonk een glas water in terwijl een bijna paniekerig relaas aan de andere kant van de lijn afstak en staarde naar buiten. Een stralend blauwe lucht. Er fladderden lustig wat vogeltjes met de lente in de lucht. In het gras staarde loom een kat naar het overvliegend wild. Ik luisterde maar half naar het geraas via de lijn. Het was ruis. Ik ademde rustig in.

“Vergeet het publiek, man. Wil je nou geschiedenis maken of niet ? Een film met enkel écht duister. Geen bewegende beelden, enkel zwart. Overal schijt aan hebben. Alleen zó vind je het cinematisch idioom volledig opnieuw uit. En daar ging het toch om ? Je belde me om te vragen hoe het medium zich nog kan vernieuwen, nou, dat vertel ik je net. En al klinkt het krankzinnig, dit is de logische stap om nog iets nieuws te doen. Ga dwars tegen de overgeproduceerde beeldvertelling heen, ga zelfs voorbij de Dogme cinema, stap volledig i-“

Water. Ademen. Ik legde de telefoon even op tafel en wandelde naar het toilet. Mijn druppels tinkelden op het porcelein en ik sloot mijn badjas weer. Liep terug naar tafel. Zoals verwacht was mijn gesprekspartner nog steeds aan het ratelen. Ik sloot hem nogmaals aan mijn oor. “Natuurlijk is het eng. Het is volledig van het padje, letterlijk. Het is zo ver out of the box dat je de box niet eens meer kunt zien. En je publiek zal volledig in het duister tasten, zeker. En niet weten wat ze ervan moeten maken. Maar daardoor maken ze er ook iets eigens van. De meest waardevolle ervaring die je ze kunt geven.”

Ik hoorde mijn maag knorren. “Luister, als je het niet durft, had je mij niet om advies moeten bellen. Ik heb je gezegd wat ik ervan denk. Een volledige film met enkel écht duister. Technisch niet te hoog gegrepen, veel creatieve mogelijkheden, en een vernieuwing van heb-ik-jou-daar. Ik ga hangen, want ik heb honger. Denk er maar even over na.”

Ik hing op en deed een fantasieloze diepvriespizza in de oven. Ik wil maar zeggen, creatief en vernieuwend zijn hoef je niet op álle vlakken.

 
René van Densen
René van Densen
René van Densen (1978) is een cynische dromer, een lachende pessimist, een realistische romanticus, een honklosse kluizenaar, een intelligente mafkees, een bedachtzame schreeuwer, een podiumschuwe polderpoëet, ex-nachtburgemeester van Tilburg, ex-striptekenaar, ex-schrijver, ex-webdeveloper, ex-vuilnisman, ex-kind en ex-volwassene, ex-burger, en kattenpapa van een Gentse terror kitten. Eerste Nederbelg die toetrad tot de Wolven van La Mancha. Maar is uiteindelijk niet zo van de collectieven. U treft hem uitsluitend in vrouwonvriendelijke omgevingen aan, en die nieuwe roman van hem komt ook nooit af. Werd al eens omschreven als "onbegonnen werk" door een prachtige blondine.

www.renevandensen.nl
Meer René op Facebook !