Vooropgesteld: ongeveer iedere weblogger op heel het nederlandstalig sprekend grondgebied mag spuugjaloers zijn op Peter Breedveld en zijn Frontaal Naakt. Dat we dat even helder hebben. Peter weet – ondanks een bijna verdacht aantal ruzies met zijn tot dan meest bewonderde en geliefde nieuwe schrijvende vrienden, die opeens ’s werelds grootste ploerten zijn en niet ongebruikelijk met naam, toenaam en hele mailwisselingen openlijk online uitgekotst worden – meesterlijk fijne schrijvers en stukjes bij elkaar te brengen, het geheel in een enorm smaakvol jasje te gieten inclusief zinneprikkelende foto’s, en zelf kan Breedveld ook menigeen, mijzelf incluis, alvast veelverwachtend doen achteroverleunen als hij zijn gifpen in de inktpot doopt. Frontaal Naakt is een machtig mooi weblog en simpel gezegd, KutBinnenlanders zou niet eens willen probéren in dezelfde klasse te opereren.
Dat gezegd, moet me iets van het hart. Iets.. hypocriets. Van mezelf. Omdat. Dubbele punt. Ik verkondig altijd aan eenieder die maar in de buurt van het onderwerp komt dat ik hypocrisie een van de prachtigste, zelfs dé meest menselijke eigenschap die er is, vind. Echt, ik kan enorm smullen van mensen die zich op hypocrisie laten betrappen. Die dan vaak ook nog de boel recht pogen te praten, alsof hypocrisie iets ergs is. Dat is het niet – zoals gezegd, is er mijns inziens geen menselijker eigenschap dan hypocrisie. Van tijd tot tijd moet je dat durven omarmen. Dat wil niet zeggen dat redelijkheid, openheid voor andermans argumenten waarmee je je meningen kunt herzien, zo af en toe een rectificatie wegens verkeerd begrepen of gelezen, of recht-door-zee (een term toch wel voor lánge tijd verpest door Verdonk maar soit) voor je mening blijven opkomen, niets waard zijn. Maar durf af en toe een zwak mens te zijn, vind ik. En bij deze biecht ik eigen hypocrisie op, over hypocrisie die ik bij Peter Breedveld heb bespeurd. Ik hoop dat de beste man, met wie ik het toch erg vaak eens ben en met wie ik, wanneer we elkaar eens ergens toevallig treffen, volgens mij redelijk kan opschieten, het ook in die context kan plaatsen. Heb er zelf een beetje meer moeite mee, maar ja, dat is de crux bij eigen hypocrisie. Zelfs een connaisseur staat niet helemaal boven de pijnlijke steek die je voelt als je je erop betrapt weet. Enfin. Wat is Peter’s hypocrisie dan ? Simpel. Hij bestempelde Jeroentje Mirck (waar ook wel wat stukjes over te schrijven zijn hoor, en wat ik hier al meermalen gedaan had voordat überhaupt GeenStijl en het halve internet hem ineens zijn 15 weblogs of fame betaalden) als zijnde, ik citeer: de ultieme zelfbevlekker. Alles wat hij doet, vindt hij bijzonder genoeg om met de mensheid te delen. Niet om een flauwe woordspeling op ‘wat hij doet’ uit te halen, maar persoonlijk word ik een beetje ziek van Peter’s eeuwige gedweep met vriendinnetje Hassnae. Al maanden is het Hassnae dit Hassnae dat. Tot zelfs een volledig onbeschaamde openbare verjaardagsfelicitatie voor het vriendinnetje. Dat mág allemaal best, maar hetzelfde wat je Jeroentje Fatsoentje beticht, Petertje Betwetertje, geldt natuurlijk ook voor jou: hoewel we heel blij voor je kunnen zijn dat je zo verliefd bent en gelukkig, vindt ook niet iederéén het bijzonder genoeg om het met ons, de hele mensheid, te delen. Of een kéértje, of een páár keertjes, dat gaat prima. Aangezien je bij persoonlijk nieuws in kleine doses meestal wel een scherpe draai erin weet te verwerken (ik noem een reis naar Azië die geweldige stukjes opleverde bijvoorbeeld). Maar om dag, week, maand in, dag, week, maand uit, bijna geen drie stukjes weten te schrijven zonder de naam van je vriendin erin, terwijl ze zelf toch ook al (wederom, zeer gewaardeerde en scherp lezenswaardige) stukjes op je site schrijft, en dan vervolgens naar een ander te schoppen dat-ie teveel persoonlijks ongevraagd op zijn online lezerspubliek loslaat, tsja. Ik smul ervan, maar het stoort me ook, en daarin schuilt mijn eigen hypocrisie. Je hebt mij mezelf doen steken, Peter. Dat je ’t maar even weet. Moet ik weer helemaal opnieuw leren van mezelf te houden. Verdoemme.

 
René van Densen
René van Densen (1978) is een cynische dromer, een lachende pessimist, een realistische romanticus, een honklosse kluizenaar, een intelligente mafkees, een bedachtzame schreeuwer, een podiumschuwe polderpoëet, ex-nachtburgemeester van Tilburg, ex-striptekenaar, ex-schrijver, ex-webdeveloper, ex-vuilnisman, ex-kind en ex-volwassene, ex-burger, en kattenpapa van een Gentse terror kitten. Eerste Nederbelg die toetrad tot de Wolven van La Mancha. Maar is uiteindelijk niet zo van de collectieven. U treft hem uitsluitend in vrouwonvriendelijke omgevingen aan, en die nieuwe roman van hem komt ook nooit af. Werd al eens omschreven als "onbegonnen werk" door een prachtige blondine.

www.renevandensen.nl
Meer René op Facebook !