Een goede vriend is uit de kast gekomen: hij lijdt aan suikerziekte. Hij mag het voor de rest op zijn buik schrijven, waar hij een apparaat draagt dat zijn suikerspiegel leest en dat hij kan aflezen op zijn zaktelefoon.

“Het woord diabeticus betekent niets’, lied hij daarbij vallen. Een medewerker in het ziekenhuis had hem dat wijs gemaakt. Ik heb terminologie gestudeerd in bijcursus, dus zocht ik het op. Nu blijkt een diabeticus een zoetpisser te zijn, de tegenpool van de azijnpisser, die geacht wordt gezond te zijn.

Het woord zelf is half Latijns half Grieks, de lievelingstalen van de artsen. Vandaar naar de Pezewever is een kleine sprong. Mijn vriend woont in Antwerpen en noemt zijn burgemeester een schijtlijster. De PvdP, partij van de pezewever, bijaldien. Maar schijt op de lijst? Nv-A? Iemand?

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.