Als hij komt aanlopen, flanéért hij. Je ziet het meteen. Hier komt iemand mensen met zijn aanwezigheid vereren. De Opperpater. Hij komt voor het eerst in maanden weer eens aanschuiven bij onze wekelijkse donderdaggroep.

“Ja knikkers,” tikt hij iedereen met zijn gebalde vuist aan. De leden van de groep zijn verguld met zijn aanwezigheid. Ik ben er ook voor het eerst in enkele maanden weer eens bij, maar ik ben natuurlijk geen Opperpater. Dus ik hou me relatief stil en geniet van de gezellige drukte.

De Opperpater vindt het al snel te druk. Er zit inmiddels dertien man in onze kring op het terras. Hij vertelt verhalen over Club P. Ik kan het niet laten, onhebbelijk als ik ben: ik vertel van die keer dat enkel de rukstoel van de Opperpater nog vrij was. Dat ik daar liever niet ging zitten. “Wat is dit ?” vroeg ik. “Oh, dat is een remspoor,” sprak de Opperpater achteloos. Normaalste zaak ter wereld. Ik ging toch maar even iets zoeken om het kussen van de stoel mee schoon te schrobben. Ik vond een washandje. Water, schrobberdeschrob. Zegt de Opperpater: “Hee, dat is het washandje waar ik altijd mijn kont mee afveeg na het schijten.”

Gelach op het terras. De Opperpater erkent ridderlijk dat er geen woord van gelogen is. Hij koopt vrijwel nooit toiletpapier en kan zich niet meer heugen wanneer hij dat voor het laatst gebruikt heeft. Op het werk loopt hij liever met remsporen in zijn onderbroek rond dan dat hij toiletpapier gebruikt. Het schuurt zo, zegt hij. Hij zegt dat hij gisteren voor het eerst in tijden weer eens wat vocht produceerde bij een orgasme. Hij schat 2 cc. Het was één druppeltje. Toch spat er ook wel eens sperma op zijn tafelkleed. Het gezelschap vraagt of dat nu allemaal plakt. “Nee, dat wast mijn moeder weer schoon,” zegt de Opperpater. Maar niet wekelijks, waardoor zijn moeder ook wel eens aan het tafeltje zit terwijl er sperma in het kleed zit. “Maar dan zit zij aan de andere kant,” vertelt de Opperpater hoffelijk. Het is zo’n lieve jongen.

 
René van Densen
René van Densen
René van Densen (1978) is een cynische dromer, een lachende pessimist, een realistische romanticus, een honklosse kluizenaar, een intelligente mafkees, een bedachtzame schreeuwer, een podiumschuwe polderpoëet, ex-nachtburgemeester van Tilburg, ex-striptekenaar, ex-schrijver, ex-webdeveloper, ex-vuilnisman, ex-kind en ex-volwassene, ex-burger, en kattenpapa van een Gentse terror kitten. Eerste Nederbelg die toetrad tot de Wolven van La Mancha. Maar is uiteindelijk niet zo van de collectieven. U treft hem uitsluitend in vrouwonvriendelijke omgevingen aan, en die nieuwe roman van hem komt ook nooit af. Werd al eens omschreven als "onbegonnen werk" door een prachtige blondine.

www.renevandensen.nl
Meer René op Facebook !