KutBinnenlanders.nl

Page 128 of 515

Tweesnijdend 1 Procustes

 

Damocles een zwaard, Ockham een scheermes, Guillotin een valbijl voor een snelle en nette onthoofding. Ze snijden allemaal maar snijden geen hout. Ze gaan voor het vlees.

Wie het op de houthandel heeft begrepen, kan maar beter geen beroep doen op hen. Noch op Procustes. Vreemde kerel. Een voorvader van de handel in menselijke gemiddelden en dito middelen. Hij maakte het gemiddelde op aan de hand van een bed. Later werd dat gewoon het bed van Procustes genoemd.

De man baatte een herberg uit en liet elke gast plaatsnemen in dat bed. Als de gast te groot was, sneed Procustes diens armen en benen wat bij tot ze pasten. Was de gast te klein, dan rekte Procustes hem of haar wat uit tot hij pastte. Zelden overleefde de gast dit, waarna Procustes zich van zijn gast ontdeed en zich ontfermde over zijn bagage. Mooi meegenomen, toch.

Zelf mocht hij op een dag in zijn bed gaan liggen tot de dood erop volgde.

Hij leeft voort in de logica, die soms het bed van Procustes wordt genoemd.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Help je me dragen?

Komt iemand op je af met zware schouders
maar met een volle boodschappentas
Je vroeg je al af hoe het met haar was
Je vraagt het en ze zegt: ik voel me ouder.

En je loopt een eindje met ‘r op
en ze zegt opeens: ik wou je wat vragen…

Ik zit vol met mezelf
en ik kan slechts de helft
Help je me dragen?
Volgelopen met smart
en ik heb niet het hart
Help je me dragen?

Je bent verliefd, het duurt al vijftig weken
en zij is het subject van dat gevoel
Je wilt zo graag dat het terecht op haar stoelt
en zij het het eerst uit zal spreken.

Dus je loopt een eindje met haar op
met dit sentiment in zeven magen…

(refr.)

Het wordt een kruisbestuiven
van twee boodschappen-lijstjes door elkaar
Het laat zich niet wegwuiven
behalve jij, die blijft zwijgen
meer geeft dan het krijgen
terug van haar, het geeft te klagen…

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Eten en drinken

 

Het was een bijzonder restaurant. Iets Oost-Europees. Op uitnodiging en op kosten van de omroep. Ik kreeg een opdracht: meewerken aan woordprogramma’s. ‘Doe ons maar een voorstel. Spinoza zocht niet, hij vond en zou er nauwelijks anders over hebben gedacht.’ Wie van beiden dit gezegd had doet er al lang niet meer toe. De opdracht kreeg uitvoering.

Jaren later, kilometers verder de hoofdstad in. Het was een bijzonder restaurant, Oost-Europees. Op uitnodiging en op kosten van een weekblad. De directeur wou kennis maken met een gedoemd dichter. Hartelijke kennismaking. Net niet vriendschappelijk. Ik kreeg een voorstel. Wilde het vervullen. Kreeg geen voet aan de grond, bleef aan de grond. Een onderhorige bleek een gorige te zijn.

Alweer jaren later. In een eigenlands duur restaurant, niet gek veel verder van het eerste. De ander voluit laten spreken en praten. Zakelijk. Opschrijven. Later publiceren. Een wildschotel met dieprode wijn. Veel van gedronken. Heel lekker dronken. ‘Wat hebben de mond en de kont gemeen? Kaken’. Wie in het gezelschap dit gezegd had doet er al lang niet meer toe.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Droogte gedoogd

 

‘Er valt al wekenlang geen regen en het is warm, wordt zelfs almaar warmer. De maat is leeg.’ Werkloos zit de boer aan de toog in de kroeg. Aan boerenkrijg tegen het stikstofakkoord doet hij niet. ‘Ik heb mijn koeien en varkens of levend verkocht of laten slachten. Ik doe nu in groenten en fruit, graan, maïs, aardappelen. Maar alles verdroogt.’

Bij wie zou hij dus protesteren?

Uit de hoek, donker en bedompt, komt een man naar de toog gestapt op de twee mannen af. ‘Ik werk bij de fiscus’, zegt hij. ‘Wij vullen de maat tot hij vol is en in geen tijd staat hij leeg. Eerst het virus, dan nu die oorlog. Baas, geef ons een rondje’.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Hou nou maar van mij!

Je weet dat ik een hele aardige man ben
Je weet, die is intrinsiek hele goeie muziek
Je weet dat ik vol zit met de juiste eigenschappen
Ik ben sexy, ik maak grappen
Maar waar ik nooit grappen over maak bij jou
is hoe ik je zie en dat ik daar van hou.

Dus hou nou maar van mij!
Je weet: ik ben de liefde in de hele maatschappij
Jij hebt de juiste dijen
waartussen ik wil vrijen
Hou nou maar van mij!
Dan ben je vrij…

Je weet dat je ogen niet
van me af kunt houden
en heel sexy wilt miauwen
Je weet je dan geen raad met hoe het met je gaat
Je gevoelens in spagaat
die je terug kunnen brengen in een mooie harmonie
als je in de zon staat en weet dat ik je zie.

(refr.)

Je weet dat je geen tv wilt kijken
als ik met je in de kamer ben
en je mij eindelijk kunt bereiken
als je ligt in mijn omhelzing
en je ogen dicht kunt doen
dat er nergens meer gevaar is
dat het weer net zo wordt als toen je gelukkig was…

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Welriekende put

 

Uit de vergetelheid duikt soms iemand op en rijst de vraag: ‘Hoe zou het zijn met…?’ Deze vraag verdraagt geen gewestelijke varianten.

Echter hoe iemand in de vergetelheid belandt is doorgaans ongeweten en onontgonnen gebied. Zou het druk zijn in de vergetelheid? Is het de kelder van een leuk café? Of is het een keurig koffiehuis?

Als koffiesnob en dito liefhebber neem ik graag aan dat de vergetelheid de zolder is van een gezellig koffiehuis. Het was in Amsterdam dat ik Rein Bloem heb ontmoet in een poepsjiek koffiehuis. Het werd het begin van mijn dichterlijk openbaar bestaan. Toen Rein Bloem al een tijdje overleden was en in de vergetelheid aan het belanden was, ben ik op een zondag naar Amsterdam gereden om  er in café Eylders, niet meteen een chique koffiehuis eerder een artiestenkroeg, gedichten van hem voor te dragen. Bij mij geraakt Rein Bloem nooit in de vergetelheid. Er zijn nu eenmaal mensen die een onsterfelijke indruk op mij gemaakt hebben. Rein Bloem alvast zeker. Net als Frans ‘Sus’ Verleyen, ook al gestorven.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Leven en sterven

 

Eigenlijk wil hij iets uitschreeuwen. Gemeenzaam wordt dit gewoon het genoemd: je schreeuwt het uit. Tot daar aan toe. Van vreugde of van pijn of een enkele keer van vreugde om de pijn.

Een gif toegediend in de juiste dosis versterkt je en geneest je. Mescaline bij Henri Michaux. Pijn bij M of G. Je hebt er bij wie de geest moet waaien. Anderen willen de geest verruimen en dieper in zichzelf afdalen. Ze laten zich een gif toedienen in de juiste dosis. Pas als de verruiming een grens bereikt, schreeuwen ze het uit.

De zelfdronk rijmt met zelfdood. De geilhonk met heildronk en kleine dood, waarbij geen zelf meer valt te bespeuren. De ziel verkeert dan op hoge hoogten waar het ruim ademen en schreeuwen is.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Wat een kermis!

 

‘O, die idioten, mijnheer, ze zijn overal, waar u maar wilt.’

Is dat een mooie zin, een openingszin? Of een conclusie?

Want je kunt je geen twee delen van een gesprek voorstellen met die zin er middenin. Bovendien pleit het voor een soort waarheid die je sprakeloos maakt. We zijn niet langer in het tijdperk van de stomverbaasden. De consumptiemaatschappij heeft alle monden doen consumeren en slikken, zodat ze niet langer sprakeloos kunnen blijven.

Maar na een lange stilte, spreekt er weer iemand. ‘Ik, bijvoorbeeld, ben een boekenwurm’. Daardoor wordt de sfeer meer ontspannen en lachen we.

 

(Oorspronkelijk geschreven in het Frans:

Quelle foire!

 

‘O, les enfoirés, monsieur, il y en a partout, où vous voulez.’

Est-ce une belle phrase, une ouverture ? Ou une conclusion ?

Car il y’a pas moyen de s’imaginer deux parties d’une conversation avec cette phrase au milieu. De plus, elle prône une sorte de vérité qui laisse bouche bée. Nous ne sommes plus à l’époque des bouches bée. La société de consommation est arrivée à faire consommer toutes les bouches, qui, dès lors, ne peuvent plus rester bée.

Toutefois, après un long silence, quelqu’un reprend la parole. ‘Moi, par exemple, suis un enfoiré des livres’. Du coup, l’atmosphère se détend, on rit.)

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Niet helemaal goed

Ik zat er weer zo doorheen
De muren werden gek van mij
Ze kwamen op me af en zeiden:
‘Man, noem ons maar laf
maar de aflossing komt morgen pas
Dus wij brengen je terug
naar hoe je in een grijs verleden was’.

En je vraagt me: hoe gaat het?
Gaat het goed, alsjeblieft, zeg dat het goed gaat
en je denkt aan vijf minuten geleden
met die fietstas en net weer iets te laat…

Dan zeg je: nee, het gaat niet helemaal goed
Het gaat niet helemaal goed, oh die frustratie!
Nee, het gaat niet helemaal goed
Het gaat niet helemaal goed, die situatie!

De zon hangt in stralen als een goed werkende douche
vult de kamer met goedhartigheid
en schoner dan een poets in kan werken op een bloes
de kleuren er niet uitgewassen
Nee mevrouw, integendeel…

En ik vraag je: hoe gaat het?
Gaat het goed? Alsjeblieft, zeg dat het goed gaat!
En je denkt aan drie minuten geleden
met die e-mail die maar niet de deur uitgaat.

(refr.)

Help, het gaat nu helemaal goed!
En ik weet niet hoe het komt en dus niet hoe het moet
Ik vind dat dat moet, dat ik weet voortaan
Ik wil een dag aan kunnen trekken
dat het voor altijd zal gaan zo goed…

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Om zeep

 

Als het aan de wereld lag was het morgen afgelopen. Als een schepper bestaat voor deze wereld, hij zou de hele zaak laten ontploffen.

Hoewel niets nog bij het oude blijft, blijft de wereld alsnog voort draaien.

In bar Heinze zitten twee voormalige wereldverbeteraars verbeten te mediteren over een wereld die niet meer te verbeteren valt.

Een tafel verder zit een man alleen. Hij vangt zonder het te willen flarden op van het gesprek van de twee voormalige wereldverbeteraars.

De vrouw aan de tafel aan de andere kant leest een boek, nipt van haar thee.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.
« Older posts Newer posts »

© 2026 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑