Er zijn er genoeg in dit leven die alles krijgen zonder verzet
Hun lot stond in goud geschreven, maar die gaan vaak teleurgesteld naar bed.
Die gaan verder dan hun eigen bed kijken, wat en wie zij nog kunnen bereiken.
Ik beschouw het als wonderlijk
Iets zo zeldzaam, zo uitzonderlijk
Gebeurde het me maar elke dag, beminde…
Ik had het nooit in mijn bestaan, van het bestaan toch wel gehoord
Dus voor mij kan het niet op zichzelf staan
Het is enig in zijn soort
Overal gezocht, ver en in de buurt, maar het koortsige er nochtans niet uit verwoord.
(refr.)
Want vind je het normaal, zoals zij die zich niet inhielden
Zich volvraten als was het hun laatste maal
Begonnen met lichten van hun hielen…
(refr.)
Kon ik het maar normaal gaan vinden
Kon ik het maar normaal gaan vinden
Gebeurde het me elke dag, beminde…
Normaal
Oorlog (3)
Einde van een vriendschap
Hij was het te bruin aan het bakken. Daarom besloot ik hem op te bellen, over een niet beveiligde niet rode lijn. Spionnen mogen best horen wat we zeggen.
‘Ha, die Thief. Alles goed? Ik heb het wel druk, heel veel werk’.
‘Toch zou je beter wat gaan vissen, Vladim.’
‘He, he, hoezo?’
‘Man toch, jij houdt bij je buren een zure inval. Je laat schieten op alles wat beweegt. Maar niemand mag volgens jou spreken van oorlog of invasie. Man toch, hoe bruin wil je het bakken! Ga toch vissen!’
De rest was voorspelbaar. ‘Wat, jij ook al, vriend? Ga weg!’ Waarna hij ophing.
Oorlog
Het paleis ligt er somber bij, onwetend dat zijn beste dagen nog niet aangebroken zijn. Het is het einde van de winter, grijs en kil.
Prima weer om een aanval in te zetten. De troepen troepen niet langer samen, ze staan netjes in het gelid. De vijand is inmiddels een vertrouwd figuur geworden, heeft alles weg van een grijsaard die een sigaar rookt tegen beter weten in.
Het is een onhoudbaar, nauwelijks spannend moment, alvorens de vijandelijkheden zullen uitbreken. De laatste haatboodschappen zijn zopas de ether en het wereldwijde web ingezonden.
De koning staat op uit zijn troon, overschouwt zijn generaals en zegt dan uitdrukkelijk: ‘Ingerukt, mars. U mag nu uitrukken’.
Voor na het eten
Ik trek een sjekkie uit de boom
melk wat wijn uit mijn kat
Ik haal een kropje uit mijn keel
en schreeuw om bijval.
Ik slacht een worteldeling
trek een aardappel uit mijn keel
schenk wat spruitjes bij de koffiemelk
en zoog mezelf naar wakkerder.
Zet je zo je TV aan?
Oh ja!
Ook al heb je die gestript…Oh ja…
Zie je voor je welk programma je zou zien
Oh ja, oh ja, oh ja!
Ik haal wat adem uit de airco
Ik schmink mijn toetje met chocola
Ik vlaflip haast op de wc
ontspan met koffie-rosé.
Ik val haast om, ik poot mijn slaap
en ga harder als een trein
Ik lees de doven voor uit radio
en zal wel weer mijn tijd vooruit zijn.
(refr.)
Ik slaap een slag, wordt bij de rondweg aangehouden
Bent u nu nog steeds op weg naar bed?
Ik rust me uit en zwoeg
en lust er zo nog wel een paar.
(refr.)
Een dag als geen ander
Het geringste geluid dringt tot hem door. Tot gisteren was hij doof voor het geringste geluid. Hij hoorde enkel geluid dat in de buurt komt van gebulder. Of de branding.
Het kabbelen van de beek, dat hij tot gisteren moest ontberen, dringt nu tot hem door. Hoe is het zover kunnen komen?
Hij vraagt het zich niet alleen af, hij zoekt ook nog eens naar een antwoord. Hij vindt er geen. Hebben de dokters niet altijd beweerd dat zijn gehoor gaandeweg achteruit zou gaan? Is hij zich te buiten gegaan aan een of ander roesmiddel? Of is de luchtkwaliteit van de ene dag op de andere schrikbarend verbeterd?
Wie weet? Ja, wie zou het kunnen weten?
Nadering
Kubisme op kutbinnenlanders
Je zou het beter beschouwen als louter fragment zonder de bijzonderheden van het hele corpus te onderkennen. (Ja, elk woord hier telt dubbel) Als je dan dat fragment voldoende in ogenschouw hebt genomen en er desnoods een vinger hebt op gelegd, kun je je ogen sluiten om aldus het geheel in ogenschouw te zien te krijgen en te nemen.
Dan open je je ogen, wend ze af van het fragment en ga je over naar het volgende fragment. Zo blijf je bezig en een tijdje zoet. Nou en of.
Het is pas als je eindelijk het laatste fragment hebt beschouwd dat je in het geheel kunt binnendringen. We zijn voldoende geneigd om deze benadering als wetenschappelijk te aanzien. Of als de mystieke weg.
De aarde alleen al.
Om liefde (Herschreven)
Ze zei dat ze van hem hield
En dat ze dat ook voelde in hart en ziel
Maar hij, die verbaasd en uiteindelijk rood van woede
Maakt het uit dat hij niet vertrouwde wat zij voelde?
Natuurlijk voor het beantwoorden van zo een omhelzende conversatie
Met een ‘ik hou ook van jou’ in precies dezelfde situatie…
Zoveel draait uiteindelijk om liefde
Zoveel draait uiteindelijk om liefde…
Natuurlijk had hij ook weinig vertrouwen omdat het hem niet genoeg
was gegeven in zijn leven en door tevelen afgewezen
Waardoor hij uiteindelijk, door teveel onzekerheid en te weinig zelf-respect
Niet meer verwachtte wat mensen doorgaans in elkander aantrekt.
(refr.)
Zo werd het niks en dat vond ze, ondanks dat ze het eigenlijk nog steeds vond van hem
Het viel in alles te bespeuren, zelfs in zijn van onzekerheid druipende stem
Elke keer dat ze hem zag, dacht ze aan hoe het had kunnen zijn geweest
Als hij de liefde ook had kunnen voelen net als haar en in die geest.
(refr.)
Het interview (het vervolg)
‘Soms heb ik de neiging vooruit te schrijven op de feiten. Nou ja, feiten. Eigenlijk schrijf ik gelijklopend met sommige mogelijkheden. Nee, ik ken niet altijd alle mogelijkheden maar toch altijd wel een paar. Die al dan niet een feit worden.’
De interviewer knikte. Hij leek geboeid. Hij had dan ook wijsbegeerte gestudeerd. ‘Nou, en?’
‘Wel, onlangs wou ik me inhouden, de tijd stoppen en wachten op de feiten. Echter, ik was mezelf niet de baas en heb gegokt, vulde een versregel alsnog aan. Ik wou haast mezelf vervloeken, zo’n haast.’ Hij zweeg. Hoorde hij diep van binnen zichzelf vervloeken?
De interviewer zweeg op zijn beurt. Hij dacht dat de dichter worstelde. Met een demon. De dichter had zijn gedachten geraden en gelezen.
‘Niets demon, vriend. Dankbaarheid. Ik had namelijk juist gegokt. Ik hoefde het gedicht niet te dumpen. Het staat er, helemaal. Zie je, een gedicht moet kloppen’.
In het verschiet
Als het de vraag mag zijn: ‘Wat schiet je ermee op?’, ligt het antwoord niet voor de hand. Gelaarsde voeten treden het met voeten waarbij geweren vervaarlijk gericht worden op eventuele vijanden.
Het heeft tien jaar in beslag genomen en geduurd om een vijand te scheppen. ‘Je weet best dat de media en dan vooral de televisie met haar kort aangebonden visie de vijand hebben helpen scheppen. Die vijand nu moet het onderspit delven. Als hij het bovenspit haalt, zijn wij het die delven’.
Zie je, dat wij-spreken maakt veel kapot omdat het tegenover ‘zij’ of ‘hij, de vijand’ wordt afgedrukt, terwijl ik graag dat wij gebruik in mijn naam.
Arme Ludwig
Het uur breekt niet altijd op de minuut na aan. Eigenlijk trekt het avontuur qua uur zich niets aan van de tijd.
Hoe dan ook lijkt het uur eindelijk aangebroken en kan het avontuur beginnen.
Dan denk je spontaan aan een samenloop van mensen en omstandigheden, al dan niet in massa’s. Maar zie, ze blijven uit. Ze blijven zelfs weg.
Het uur breekt immers in de grootste stilte aan. Het avontuur speelt zich geheel achter gesloten deuren af.
Hoe komen we er dan toe er melding van te maken? Zouden we er niet beter over zwijgen? We overtreden de eerste Wittgenstein. We treden hem zelfs met voeten.
© 2026 KutBinnenlanders.nl
Theme by Anders Noren — Up ↑


Reactietjes