Want achter de hoge bergen, in de hoge want, ligt nog steeds verborgen het land van Azilal.
Op vrij korte tijd waren we op onze bestemming, in de bergen. Na een uur ter plaatse was onze zaak rond, zij het nog niet geregeld. We besloten door te stoten tot het land achter de bergen. Zowat zestig kilometer verder vonden we de belendende stad.
Middagpauze in een restaurant. Er zaten twee tafels vol ambtenaren. Het was weekdag en marktdag. Er heerste aldus een vrolijke drukte.
De terugweg reden we ook door de bergen, zij het langs een andere weg, langsheen een stuwmeer, waar het water zeer laag bij de grond stond. Het zou drie jaar lang hard moeten regenen op de normale tijden van het jaar om het water weer op peil te krijgen.
Dit bedrukte ons in enige mate. In de late namiddag waren we thuis.


Geef een reactie