Aan de toog staat de man. Aan de toog staat de man bekend als visser op grote graten. ‘Ik ben ook heel even jager op groot wild geweest. Bij Decathlon kocht ik laarzen, een mouwloos munitiehoudend vest, een hoedje.

In een speciaalzaak kocht ik een jachtgeweer en munitie. Een jachtverlof had ik niet nodig.’

Hij pauzeerde even, nam een slok. Tot daar de inleiding.

 

Hij vervolgde. ‘Ik boekte een vlucht naar Afrika, huurde een terreinwagen met gids en na twee dagen lag ik klaar in een hinderlaag. Er verscheen een grote katachtige. Luipaard? Tijger? Jaguar? De gids siste me toe: Schiet op! Ik schoot, het dier viel neer. We raapten het op en legden het in de auto. Er hing een label aan: made in China’.

Gefopt.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.