KutBinnenlanders.nl

Auteur: Bert Brussen

Bert Brussen, zonder enige twijfel één van de bekendste schreeuwers op de interwebs, hoe kon die in vredesnaam op deze website ontbreken? Maar eigenlijk komt hij enkel het redactielokaal binnen voor de gratis koffie. Zo heel af en toe mogen we iets hergebruiken van zijn website. Als één van ons tenminste niet vergeten is om nieuwe kratten bier te gaan. Veel méér schrijft hij voor bbrussen.nl en De Jaap. Maar het weinige dat we hier plaatsen, leest zijn lieve moedertje wel veel liever dan die andere websites.

Zestien excuses om niet het boek vanBert Brussen te kopen

Met toestemming van de auteur overgenomen

NU RESERVEREN!
MET CARTOONS VAN BANDIRAH!

1- Op internet zitten alleen maar nerds

Ja, dat was waar in 1995. Bill Gates en Steve Jobs zijn trouwens ook nerds, maar niet minder belangrijk. Tegenwoordig is internet voor de meeste mensen een normaal gebruiksvoorwerp met dito normale gebruikers. Tenzij u een babyboomer bent die nooit buiten de provincie is geweest of een bevindelijk gereformeerde met een internetfilter mag u eigenlijk gewoon niet meer vinden dat internet voor nerds is. Internet is namelijk dé nieuwe toverlantaarnvoorstelling begrijpt u wel.

2- Alleen lelijke mensen gebruiken een datingsite

Toegegeven, supermodellen kom je verdacht weinig tegen op datingsites. En zeker 90% van de datingsitegebruikers zie er heel gemiddeld uit. Dat is ongeveer gelijk aan het aantal gemiddeld uitziende mensen in de offlinewereld. Maar om iedereen die er gemiddeld uitziet (waaronder ik en waarschijnlijk u) nou lelijk te noemen?

3- Datingsites zijn ordinaire oplichterij

Er zijn zeker sites waar je maar beter niet je creditcardgegevens kunt achterlaten. Maar de bekende, grote sites van tegenwoordig zijn eigendom van gevestigde mediabedrijven en 100% betrouwbaar. Of u waar krijgt voor uw geld ligt overigens ook aan uzelf: als u de tips uit dit boek gebruikt zult u zien dat het vinden van dates echt geen oplichterstrucje is.

4- Bij datingsites draait het alleen om seks

Sterker nog: in het leven draait het alleen om seks. Zeker als u man bent. Dat neemt echter niet weg dat u meer wilt in het leven en die hormonale drift als een gegeven beschouwt waar u niet per definitie aan toe hoeft te geven. We zijn tenslotte voorbij de aap geëvolueerd. Wie wil kan zich inschrijven bij sites waar het alleen om seks draait, maar wie meer wil dan dat zit op datingsites heus goed. Liefde en relaties blijken namelijk zowaar een menselijke eigenschap.

5- Bij datingsites vind je alleen saaie mensen die op zoek zijn naar een relatie voor achter de geraniums

Een ‘relatie’ vinden is inderdaad de hoofdreden waarom mensen zich bij een datingsite inschrijven. Dat wil niet zeggen dat mensen het niet leuk vinden om elkaar te ontmoeten tijdens een (uitdagende) date, uitgebreid te emailen, te chatten, te flirten of een zekere erotische spanning op te bouwen. ‘Saai’ is het zoeken en vinden van een relatie zeker niet.

6- Daten via internet is levensgevaarlijk

Ja, net als autorijden, vliegen, rauw vlees eten, onveilige seks hebben, op zaterdagavond naar het Leidse plein gaan of met vreemden mannen en vrouwen uit de kroeg mee naar huis gaan. Het leven bestaat nou eenmaal uit risico’s. Het risico is echter niet groter ‘omdat het internet is’. Wie zijn verstand gebruikt loopt op internet niet meer risico dan in de kroeg, de snelweg of het keukentrapje.

7- als ik ga daten via internet lacht iedereen mij uit

Klopt: uw auteur date alweer zo lang via internet dat het hoongelach hem allang niet meer opvalt. Maar dat maakt daten via internet er niet anders op. Trouwens, de uitvinder van de paraplu werd ook uitgelachen net als de mensen die riepen dat het internet heel groot zou worden. Hoon van anderen zegt gelukkig niets over de werkelijkheid.

8- alle profielen op datingsites zijn nep

Een profiel met de naam “TanjaSexpoes17″ die ‘op zoek is naar een hete date’ en toevallig ook nog eens bij u in de buurt woont is waarschijnlijk nep. Daartegenover staan letterlijk miljoenen Europese profielen die gegarandeerd echt zijn. De bekende grote datingsites werken in ieder geval niet met nepprofielen, daar mag u vanuit gaan.

9- Via datingsites word je naar SMS-nummers gelokt

Als u toch meent dat “TanjaSexpoes17″ inderdaad bij u in de buurt woont en u wilt met haar SMS’en weet dan dat u SMS’t naar een medewerker van een malafide bedrijf dat precies laat horen wat u wilt. Met datingsites hebben dat soort bedrijven alleen niets te maken. Helaas bevinden zich ook op de online datingmarkt, zoals op elke markt, minder betrouwbare toko’s. Datingsites zonder het gebruik van SMS zijn er gelukkig voldoende.

10- Liefde is niet te vinden via internet

Zie ook: internet gaat nooit groot worden, een krant hoort op papier gedrukt te zijn en het vliegtuig kan nooit de stoomboot vervangen. Dat het ‘internet’ heet wil niet per se zeggen dat ‘internet’ dus bepaalde mogelijkheden per definitie uitsluit. Liefde is overal vindbaar, en bovendien een abstract begrip, dus ook op internet.

11- Ik ontmoet mijn nieuwe liefde liever in de kroeg

Dat kan. Maar als u niet van de kroeg houdt is internet wellicht een goede optie. Het enige verschil is dat het ene niet digitaal is. Verder zijn de mensen op datingsites hetzelfde en even echt als de mensen in de kroeg. Dat het vinden van partners traditioneel iets is voor sociale bezigheden als een kroeg wil niet zeggen dat het met nieuwe vormen van sociale bezigheden dus niet kan.

12- Alleen sneue wanhopige mensen zoek een liefde via internet

Als u die miljoenen mensen wereldwijd die elkaar dagelijks vinden via internet sneu en wanhopig wilt noemen moet u dat vooral doen. Tegenwoordig zijn er echter complete generaties wiens sociale leven vooral om internet draait. Maar het is natuurlijk altijd mogelijk uw eigen sociale leven superieur aan dat van anderen te achten?

13- Het draait op die sites alleen maar om het uiterlijk

Toegegeven, uiterlijk is een belangrijk iets. Daar houdt dit boekje inderdaad ook rekening mee. Maar uiterlijk alleen is natuurlijk niet voldoende. Humor, karakter, authenticiteit en originaliteit zijn net als uiterlijk een belangrijke component. Er zijn overigens ook sites waarbij het uiterlijk sowieso niet van toepassing is maar alleen de criteria waarmee u ‘matcht’. U kunt dus als u wilt volledig afgaan op iemand persoonlijkheid en karakter en de foto’s buiten beschouwing laten.

14- Normale mensen vinden ook zonder internet wel een liefde

Dat zou goed kunnen. Mensen worden al eeuwen verliefd op elkaar terwijl internet nog maar 15 jaar oud is. Het is alleen wel een handig hulpmiddel. Dat u zonder internet ook een liefde tegen kunt komen wil toch niet zeggen dat u het dus ook maar zonder internet moet doen? Het internet is er, maak er gebruik van!

15- Ik wil neuken, geen relatie, en dat soort partners vind je niet op datingsites

Ach, er zijn voldoende sites waar mensen alleen om die reden maandelijks geld betalen. Bovendien, dat iedereen zegt naar een relatie op zoek te zijn wil niet zeggen dat ze dat ook zijn. Hardop zeggen dat je wilt neuken is nou eenmaal niet een manier om anderen voor je te winnen. Voor iedere wens is trouwens een site beschikbaar. Het is maar hoe u zelf met uw verlangens wilt omgaan.

16- Ik ben gay, 65+, christelijk, heb een voorkeur voor vreemdgaan en woon op een Waddeneiland, voor mij is er geen goede datingsite

Voor zowel gays, 65-plussers, christenen en notoire vreemdgangers zijn specifieke succesvolle datingsites beschikbaar. Oké, wonen op een Waddeneiland is wellicht een handicap maar aangezien zelfs Limburgers op de meeste sites binnen hun eigen regio kunnen zoeken zal dat probleem niet onoplosbaar zijn. En u kunt altijd nog zeggen dat u Jan Wolkers goed hebt gekend en dat het houden van schapen op Texel ontzettend romantisch is.

 

Waarom ik nooit iets in het collectezakje deed

Gastbijdrage van internetfenomeen Bert Brussen, léés die man zijn site!

Tsja, wat moet je er nog van vinden: de voorzitter van de SGP Wageningen die een half miljoen euro, geld van vooral kerkgangers bestemd voor christenen in nood en dat soort naastenliefdezaken, er doorheen jast in het casino. ?Je verwacht het niet? is een beetje een understatement zal ik maar zeggen. ?Naastenliefde?, dat spel je net als ?visfraude?, ?Baan Barneveld? of ?gokverslavng? met ????. Zo is de ware bevindelijk gereformeerde dan ook wel weer. Wat zou God eigenlijk vinden van tollenaars en farizeeërs die het geld van de armen stelen om het te besteden aan de heidenen en hoeren die de binnenplaats van de tempel bevuilen? Of is dat een al te voor de hand liggende vraag? Ach, gelukkig weten ze wel van aanpakken in dat soort zelotencontreien: ?We hebben hem inmiddels vergeven?, aldus de naaste familie van de kerkgelddief. Maar natuurlijk. Op dezelfde wijze vergaf God ook de katholieke misbruikpriesters in Ierland. Zo is God. Zo is de SGP. Zo zijn fundamentalistisch christenen. Altijd tegen écht belangrijke en vooral onvergeeflijke zaken als porno, homoseksualiteit, seks, seks voor het huwelijk, vloeken en natuurlijk die verschrikkelijke moderne wetenschap maar immer bereid de ware misdadigers in een enkele zucht te vergeven. Amen. Mocht u onverhoopt in een kerk terechtkomen en zo?n zwart collectezakje voorbij zien gaan: DOE! HET! NIET!

 

Ondertussen, bij Wouter Bos thuis aan de zondagse brunchtafel

Bertje Brussen heeft een grappig dingeske voor degenen onder u met enige schrijfambities. Klik hier voor meer info. Kort gezegd: schrijf een dingetje van maximaal achthonderd woorden met als titel: “Ondertussen, bij Wouter Bos thuis aan de zondagse brunchtafel”. Natuurlijk heb ik, voordat ik u allen tipte, zelf ook even mijn hand eraan gewaagd. En dat gaat heus de prestigieuze voorpagina van De Jaap niet halen, daar maak ik me geen illusies over. Maar dat is niet erg, want we hebben de grote zandbak van KutBinnenlanders.nl nog ! Dus na de vouw kunt u zien wat ik er zelf van gebrouwen heb. Ook inspiratie ? Mail gewoon even naar Bertje en maak er wat leuks van !
Update: Ik zie nu pas dat je er ook een abonnement op de VARA-gids mee kunt winnen. Had even beter moeten lezen. Misschien dat ik toch de inzending maar in moet trekken – ik kijk geen TV, plus hier in Den Bels heb ik geen fuk aan de VARA gids.

Ondertussen, bij Wouter Bos thuis aan de zondagse brunchtafel Er vielen wat krumels naast zijn bord. Fronsend keek hij ernaar en twijfelde even. Opdippen met natte vingers, of laten liggen ? Laten liggen was wellicht wat nonchalanter, wat minder kruidenaarsachtig, maar het trok wel fruitvliegjes aan. Al twijfelend voelde hij bovendien wat aardbeienjam vanaf zijn boterham op zijn onderlip druipen. Ook zoiets. Was hij niet beter voor hagelslag gegaan ? Misschien iets meer cholesterol, maar het was oh zo lekker. Als kind hield hij er al van. Dan klaterden de kleine hagelslagkorrels op zijn bord en met zijn natte vinger redde hij ze dan, hop, zijn mond in. Ú-ren kon hij zo met zijn hagelslag spelen. Dat had je niet met aardbeienjam. Maar ja, dat was dan weer gezonder. En vanaf het label op het potje lachte een vrolijk poppetje je toe. Het lachende poppetje deed hem onwillekeurig denken aan zijn neefje. Die lachte hem ook altijd toe. Lachtte. Even twijfelde er een traan in zijn traanbuis. Met een krachtige hand pakte hij zijn glas melk. Bijna had hij het aan de lippen gezet. Hij keek even naar de melk. Niet dat die bedorven was, verre van – in huize Bos was álles vers, verdomme – maar toch. Melk kwam in dit land van Nederlandse koeien en via een collega had hij begrepen wat daar allemaal mee uitgevreten werd. En wat die zélf uitvraten. Hij staarde even besluiteloos naar kleine stukjes die in de melk ronddwarrelde. Volle melk had hij gekozen, uit de koelkast. Die stond naast de halfvolle melk en de magere melk. Altijd haalde hij alledrie – en vérs – want hij wist nooit zeker waar hij precies zin in had, bij zo’n brunch. Bij het inschenken had hij nog sterke zin gehad in volle melk, maar nu wist hij het niet zo zeker meer. Misschien was magere melk wel beter, ook omdat zijn spijkerbroek de laatste tijd wat begon te knellen. Ja, dat nieuwe baantje van hem deed zijn broekriem niet veel goeds. Hij zat al een gaatje groter dan hij gewend was. Maar was van een gaatje vallen niet beter dan van een graatje vallen ? Hij likte zijn lippen terwijl hij erover nadacht.
Wat hij wel zeker wist, was dat op zondagen de brunch zijn favoriete maaltijd was. Niet te vroeg, zoals ontbijt meestal was, en niet te laat, wat dan weer een onbetwiste lunch zou zijn. Nee, er lekker zo tussenin. De man – of vrouw – die de brunch had uitgevonden, verdiende een onderscheiding. Hij zou eens polsen binnen het kabinet of daar nog een potje voor was. Een Nederlandse medaille voor de uitvinder van de brunch. Of zou daar dan mee gespot gaan worden ? Wat zouden de media ervan maken ? Hij zette het glas terug op tafel en legde de boterham terug op zijn bord. Hij stond op en staarde uit het keukenraam naar het regenachtige weer buiten. Altijd regen in dit land. Nooit eens een écht lekker zonnetje. Alsof zelfs het weer altijd maar een beetje heen en weer schipperde tussen extremen. Nooit échte vorst, bijna nooit genoeg voor een elfstedentocht in ieder geval, en nooit échte zomer. Altijd maar dat benauwde geneuzel onder een bewolkte hemel. Eigenlijk hield hij helemaal niet zo van dit land. Hij was liever in een zonniger gebied. Maar ja, er waren zo weinig zonnige gebieden waar men Nederlands sprak. En de gebieden die er zijn, daar valt weer geen salaris te behalen. Hij ging terug aan de brunchtafel zitten. Staarde naar zijn boterham. Staarde naar de jamdruppel op het tafelkleed. Staarde naar de melk. Een nieuwe frons vormde zich in zijn voorhoofd. Nee, besloot hij, ik heb eigenlijk helemaal geen zin in brunch. Hij pakte daadkrachtig zijn bord en glas op, opende de koelkastdeur en plaatste de hele boel op het bovenste rek. Hij keek even en verplaatste toen de boel toch maar naar het middenste rek. Toen sloot hij de deur, de melk en de boterham konden wel wachten tot de lunch. Hij was één stap verwijderd van de koelkast toen hij weer omdraaide en toch maar zijn brunch opnieuw uit de koelkast pakte. Het was toch de op drie na belangrijkste maaltijd van de dag, immers.

 

Knipplak: Weblogs zijn springlevend en gaan heel oud worden

Hierna is het gedaan met dat gedweep met Bertje Brussen hoor. Hij heeft tenslotte ook een eigen website! Of het moet zijn dat-ie bij ons aan boord wil komen om zo af en toe zelf wat door te plaatsen, dat moet-ie zelf weten. Iederéén is welkom bij ons. Enfin, hieronder even weer iets lezenswaardigs van zijn hand, dat we, gezien de slotzin ervan, lekker ongevraagd doorplaatsen. Overigens blijven wij wél graag een schaars bezocht, niet-initiërend en eeuwig onbetekenend blog, als het even mag. Ok?

P.S. Brussen heeft de éér: dit is het 750e bericht op onze site.
Continue reading

 

Starbucks op Utrecht C.S. nog vol kinderziektes

Onze cullinaire smaakrubriek KutTent.nl (initiatief van Mike en Gerard) is de laatste tijd wat weinig geupdate. We vroegen gastrecensent Bert Brussen of we in plaats daarvan zijn recensie van de fonkelnieuw geopende Starbucks in Utrecht Centraal mochten gappen ter onzer eigen glorie. Bert Brussen was zeer gul en stond het niet alleen toe maar blijkt zelfs een fan van onze silly little website (ah, was HIJ die ene). Enfin, hieronder een verfrissend stukje over benauwend slechte service. Alles copyright Bert Brussen en met toestemming overgenomen dus.

Het was natuurlijk naïef om te denken dat Nederland zomaar klaar is voor het herbergen van een heuse Starbucks-vestiging op een gemiddelde provincieplek als Utrecht Centraal Station. De bedoeling is goed, het assortiment aan zinloze en onbetaalbare koffie’s ook, maar deze Starbucks-vestiging kampt nog met tal van kinderziekten. Neem bijvoorbeeld de enorme populariteit bij scholieren en studentenpubliek. Afgelopen donderdagavond werd in één oogopslag duidelijk dat Starbucks totaal geen rekening had gehouden met de enorme toeloop van semi-hip publiek dat massaal een frappuchino heavenly hazel bullshit voor nog geen 5 euro per 30 cl wil proberen. De rij wachtenden was zo lang, tot buiten de ingang, dat deze Starbucksvestiging meer leek op een attractie in de Efteling dan op een koffieboer. Of gewoon op de AH-to-go vestiging op het zelfde Utrecht C.S. (‘Drie wachtenden in de rij, wij doen er een kassa bij’ is de grootse Ahold-leugen sinds meneer Piekema).

Natuurlijk hou je die drukte altijd bij een nieuwe vestiging, zeker bij iets met zo’n hoge merkwaarde als Starbucks, maar men had daar makkelijk op kunnen anticiperen door meer mensen in te zetten dan die drie langzaam werkende vrouwen van boven de vijftig. Wellicht dat het aanwezig zijn van een manager al had geholpen, of dan tenminste iemand die al wél weet hoe de koffiemachines moeten worden bediend. Dat had de wachttijd van een minuutje of twintig aanzienlijk kunnen verkorten. Maargoed, wat dat betreft past deze multinational zich meteen aan de Nederlandse standaard aan: fuck de service, fuck de passie in je werk, dood aan georganiseerd werken, al het gemotiveerde personeel tegen de muur en schijt aan anticiperen op klantentoestroom. Ook de door afwezigheid schitterende vestigingsmanager van Starbucks Utrecht is een typisch Nederlandse horecaondernemer zo blijkt. Laten we het even over de vestiging zelf hebben: die zit in een voormalig restaurant op Utrecht CS. Dat betekent dus dat het een overdekte ruimte is en dat het als het buiten 30 klein nulletje C is, loeiheet wordt in een overdekt station, laat staan in een horecagelegenheid waar hete koffie wordt geschonken, broodjes onder warmhoudlampen liggen en een kleine 600 man tegelijk in een ruimte wat wil bestellen. Ondanks de in paniek aangesleepte mobiele airconditioningmachines was het donderdagavond in de Starbucks op Utrecht C.S. een behaaglijke 55 graden boven nul. Tel daarbij op dat je zo’n twintig minuten moet staan en je snapt ongeveer hoe leuk het is om op zo’n zomerse dag een hip Amerikaans koffietje te bestellen. De vraag is natuurlijk waarom er bij het verbouwen van deze bestaande horecalocatie niet meteen rekening is gehouden met de hitte. Het is een overdekte hal dus het is er altijd warm en een raampje openzetten is niet echt een optie. Waarom niet meteen een goede airconditioning ingebouwd? En nu we het toch over falende Starbucks-architectuur hebben: was er dan echt helemaal niemand die had kunnen bedenken dat één (1) deur die tegelijk in- en uitgang is wel heel erg weinig is voor een populaire, doorgaans overvolle koffiekeet? Nu moest iedereen zich met zijn gloeiend hete bekertje koffie langs de lange rij wachtenden wurmen om het pand weer te kunnen verlaten, daarbij dwars gezeten door de voortdurende stroom nieuwe klanten die gelijk met de pandverlaters de toko juist in wilden. Daar staan te wachten in 55 graden terwijl mensen zich met hun kokend hete bekertjes langs je heen wurmen gaf niet echt een prettig gevoel. Ik vraag me zelfs af of het wel brandveilig is. In geval van paniek wordt het een chaos en loopt iedereen elkaar onder de voet. De in/uitgang is namelijk gewoon te klein om de twee stromen mensen snel te verwerken.

Maar het ergste was toch wel het feit dat ik donderdagavond na ongeveer een kwartier wachten te horen kreeg dat “er geen ijsproducten meer worden verkocht”. Parbleu? Ik sta hier godverdomme op subtropische wijze van de graat te vallen en het enige wat mij op de been houdt is het vooruitzicht van een ijskoffie! Of dachten we soms dat ik in deze bloedhitte even vier euro neerplemp om een sloot hete cafeïne in mijn toch al kokende maag te gieten?
“Ja, nee, sorry. De ijsmachine is kapot gegaan. Komt door de warmte he”.
Door de warmte my ass! Een ijsmachine is gemaakt om ijs te maken. IJs verkoop je als het warm is, bovendien zijn de gewone koffiemachines ook loeiheet en die begeven het ook niet door de hitte. Die ijsmachine gaat stuk door ondeskundig gebruik en/of het feit dat die hele machine gewoon een inferieur product van bedenkelijke makelij is. Prutswerk dus. Met warmte heeft dat niets te maken. Ik heb het toen maar opgegeven. 15 minuten in de rij staan tussen enorm hippe metrojongens en blonde Hyves-meisjes leverde mij uiteindelijk de keuze op tussen een koffie die dankzij uitgekiende marketing tig keer meer winst oplevert dan in een normale kroeg of gewoon niets. Ik koos voor niets. Als de ijsmachine al niet normaal draaiende kan worden gehouden dan vrees ik toch het ergste voor die latte op de frappuchino zal ik maar zeggen. Is er dan echt helemaal niets positiefs te zeggen over de Starbucks in Utrecht? Jawel hoor. Los van het enorme aanbod aan cafeïnehoudende warme dranken (wat kennelijk in het Engels moet) hebben ze een fijne zithoek met een aantal luxe Chesterfieldstoelen. Dat geeft toch een nieuwe dimensie aan het onvermijdelijke wachten op de trein. Bovendien heeft de Starbucks een groot ‘terras’ (het blijft een stationshal natuurlijk) waar opvallend veel plek was gezien de drukte. Het aanbod van koeken, taart en broodjes is ruim en om van te watertanden en de mogelijkheid koffiebonen en aanverwante koffieproducten aan te kunnen schaffen is erg fijn want we zitten thuis allemaal wel eens zonder koffie als alle winkels verder dicht zijn. Starbucks blijft, los van de deerniswekkende maar typisch Nederlandse anti-service mentaliteit, een winstgevende zaak. Je moet bereid zijn extra te betalen voor een populair merk maar dan kun je wel op on-Nederlandse wijze koffie drinken en tegelijk op je vertraagde trein wachten in een meer dan prima luxe omgeving. En vooral dat is een hele aanwinst op Utrecht CS: een plek waar je kunt zitten zonder dat je verplicht bent je wachtruimte te delen met een ranzige afvalbak, een stalen anti-zwervers dwarsbalk of rokende tokkies en dito NS-medewerkers. Voor deze luxe wachtruimte mogen we Starbucks best dankbaar zijn.

 

© 2021 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑