Omdat ik niet zeker weet of ik afgeluisterd word, zeg ik de hele tijd biep biep. De hele dag door. Biep biep. Bij alles wat ik doe. Biep biep. Ik zet ’s ochtends mijn koffie, de waterkoker pruttelt. Biep biep. Ik drink de koffie op, gezeten op de bank. Biep biep. De hele dag maak ik in mijn woonkamer dat geluid. Biep biep.
Het idee is dat degeen die meeluistert er zo horendol van wordt dat hij me niet meer wíl afluisteren. Dat hij zijn koptelefoon woedend afsmijt en roept: “BEKIJK HET MAAR MET JE BIEP BIEP.” Natuurlijk weet ik niet wanneer dat punt bereikt is, dus ga ik voor de zekerheid maar door en door met biep biep zeggen.
Misschien word ik wel helemaal niet afgeluisterd. Ben ik gewoon een gekke man die de hele dag binnenshuis een gek geluid loopt te maken. Of misschien willen ze wel dat ik dat denk. Pffff, vermoeiend hoor, paranoia. Biep biep.


Geef een reactie