Wil je het turen
vanuit mijn toren
niet zo verstoren
met jullie huren
Of zijn mijn muren
niet massief genoeg
voor jouw ongevoeg
en rank verzuren
Knal mijn kanonnen
op dat gemekker
en laat mij lekker
wat horizonnen
Wil je het turen
vanuit mijn toren
niet zo verstoren
met jullie huren
Of zijn mijn muren
niet massief genoeg
voor jouw ongevoeg
en rank verzuren
Knal mijn kanonnen
op dat gemekker
en laat mij lekker
wat horizonnen

Voor Johannes Thoen en Alja Spaan
Regen blijft drupp’len op mijn hoofd.
Dat maakt echter niet dat ik ga huilen, nee, wenen is niets voor mij.
Nooit hield ik de regen tegen door te zeuren.
Want ik ben vrij.
Of nog:
Ik dans in de regen. Ik zing in de regen. Dansen en zingen in de regen.
Anderzijds.
Regen, het is om vrolijk van te worden. Dat is echter buiten de klimaatverandering en de zure regen gerekend. Mensen verzuren onder de zure regen. De verrechtsing van het klimaat, zeg maar. Daarover ondervraagd, antwoorden ze: “Het regent almaar harder”.
Ome Bob Dylan wist het al lang: “Het is een harde regen die zal vallen” (1963).
Ik wil met iemand krimpen
Big Bang maar andersom
Tot ik amper nog kan schimpen
Een omgeplofte bom
Ik hels jou om je alles
En jij mij om mijn iets
We helzen ons te pletter
Tot bijna, bijna niets
We knallen ons dan mini
Want samen staan we klein
Het is toch kleinoodzakelijk
Nooit al te groot te zijn.
Around the world… Maite Louisa performs ‘Haunting’ up close and personal. Live @studiojackology in a matrix near you…
recorded @ Madonna, Gent (Belgium)
Vrouwen. Ze komen weinig aan bod in korte stukjes, ook al dragen ze soms korte stukjes, zoals rokken of sokken. Ze vergaderen haast nooit en hangen niet aan de toog. Toch moesten ze er van komen.
Twee maar J, o jeetjes, en een S. De twee jeetjes kwamen met elkaar. Eerst in elkaars vaarwater, later in aanvaring. Waar bemoeit ze zich mee, was de hamvraag. Er bleek niets te bestaan waar de eerste J zich niet mee bemoeide. Zo iemand heet al vlug een bemoeial. Vaak kwam S dan sussen, de gemoederen bedaren. Nu eens voor, dan weer tegen J.
En zie nu, de tweede J wou van die bemoeienissen niet weten. In een fatale bui, met natte haren van de regen en de geur van dennennaalden in haar haar gaf S de bemoeial gelijk en wou ze de tweede J de laan uitsturen. Die was echter al weg, uit eigen beweging.
‘kdorst niet te zwemmen
in de oceaan, niet dat ik
denk dat dat niet zou gaan
maar dat idee is zo groot
liever dobberen thuis
waar de stenen me helzen,
en rode neuzen wachten
waar men gulzig glas vergoot
waar ons leven wordt bezongen
door, leeft die nog, ‘kheb geen idee
nog niet op tafel, in ons kielzog
nog één rondje voor de boot

Je ziet ze de laatste tijd meer en meer opduiken, de klimaatomarmen©. Zij die de klimaatopwarming omarmen. Deze term claim ik meteen. Zijn het armen van geest of vol coke gesnoven individuen?
Die vraag laten we het best in het midden. Tijd verliezen om het antwoord te vinden is er niet bij.
De klimaatzaak is ons aller zaak maar de klimaatomarmen zijn dat niet. Ze lopen vooruit. Waarom zijn ze zo gehaast?
Ook die vraag laten we vaag in het midden. Ik heb ze hoe dan ook al enkele keren gezien in de vrieskou. Een man in hemdsmouwen in de Koningstraat, Brussel. Een man blootshoofd achter het stuur in zijn cabriolet met open dak.
Deze morgen ook weer. Een man verliet de warme bakker in zijn ondergoed, een short en een onderlijfje. Echt waar, ik kon mijn ogen moeilijk geloven.
Het klimaat is niet hun zaak. Voor hen kan de opwarming niet vlug genoeg beginnen.
© 2026 KutBinnenlanders.nl
Theme by Anders Noren — Up ↑
Reactietjes