Flurk was wat men tegenwoordig onder invloed van het Chinees een 損失, kortom een loezer noemt. Hij wist beter, hij was verlieslatend. In een prestatiegerichte kapitalistische maatschappij betekende dit dat hij een ramp was. Maar hij wist beter. Hij was zijn baan kwijt, vervolgens zijn werkloosheidsuitkering en leefde of liever overleefde van een leefloon. Desalniettemin wou hij werken en zocht hij werk.

Daartoe had hij al verschillende keren de VDAB zoals de werkloosheidsdienst heet, geraadpleegd. Officieel heet het dat deze dienst bemiddelt op de arbeidsmarkt. Daar heeft die markt alsnog weinig van gemerkt. Flurk was geen atypische werkloze, enkel een werkloezer. Hij had enkele jaren ervaring op zijn kerfstok, een mooi afgeronde middelbare school en dienstplicht vervuld.

Hij sprak weliswaar zijn talen niet altijd even vlot maar kon zich behelpen. Bij gebrek aan middelen had hij geen hobby’s meer.

Die dag meldde hij zich ten einde raad nogmaals aan bij de werkloosheidsdienst annex bemiddeling.’Ik heb echt werk nodig’, zei hij. ‘Hebben jullie nog altijd niets gevonden?’ vroeg hij. De totaal onbekwame bediende nam hem verveeld op, ‘gaat u zitten, mijnheer’. ‘Nee, we hebben niets gevonden. Toch niet voor u. Misschien weet u hoe u ons kunt helpen’.

Een nooit eerder gewaargeworden vlaag van woede trok door Flurk heen. Hij stond bruusk op, zijn stoel viel achterover, hij wierp de bediende een vernietigende blik toe en trok de wijde wereld in.

 

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.