KutBinnenlanders.nl

Auteur: Soul Food (Page 1 of 3)

In the early seventies, mister Soul Food (born ‘Seelefutter’, Frankfurt am Main, May 5 th 1955) maintained an intense friendship with Long Island-raised, American popmusician Lou Reed.
As a kind of a tribute to his German-born apprentice, the NYC-man Reed dedicated one line of his famous song Walk on the Wild Side to mister Seelefutter, which means ‘Soul Food’ in English:
‘Looking for Soul Food and a place to eat’. (second line of the forth stanza.)
Since that time, Seelefutter strolls through life as his alter ego ‘Soul Food’. Under this name, the bloke produced some of the most enticing blogposts ever composed, which can all be found on our website.
In recent years, Soul Food received several extremely prominent, international blogawards.
For example: The 2007-edition of the ‘Blog your ass off-award’, probably the most notable honour a blogging creature on the surface of the world can possibly gain.
© Soul Food, all rights reserved

Aigu

Ik was laatst op bezoek bij ’n vrind. Uit hoofde van zijn privacy zal ik ‘m aanduiden met de naam ‘Rene van D.’ 

Er was substantieel iets niet pluis in dat huis. Ik kon er echter de vinger niet achter krijgen. Was hij zijn lief kwijt? (Dat kon moeilijk, daar hij op dat moment geen lief de zijne mocht noemen.)

Was hij zijn betrekking kwijt? (Dat kon moeilijk, daar hij op dat moment geen betrekking bezat.)

Was hij zijn schatje Blini kwijt? (Dat kon moeilijk, want ze lag spinnend op de sofa).

Bezorgd staarde ik naar de wat verwarde man, die op zijn knieën door zijn huiskamer kroop.

‘Gast, was ist los?’, vroeg ik in mijn beste als-we-de-oorlog-verloren-hadden-Nederlands.

‘Ach, weet je,’ antwoordde Rene, ‘ik zoek al drie kwartier tevergeefs naar mijn accent aigu.’

 

Not Much

There’s not much sanity on the streets, these days, anymore

There’s not much sanity on the streets, these days

There’s not much sanity on the streets, these 

There’s not much sanity on the streets

There’s not much sanity on the 

There’s not much sanity on 

There’s not much sanity 

There’s not much 

There’s not

There’s 

There’

There

Ther

The

Th

T

.

 

Soul Food De Tweede

Hij hep weer wat hoor. Onze Soul Food. Of, zoals ze hem nu bij uitgeverij Brave New Books kennen, ‘Johan van Tilburg’. (Hahaha, dat ze daar denken dat dát zijn echte naam is, fantastisch!) Enfin. Komt hij afgelopen donderdag aanschuiven op het terras het redactielokaal binnengehuppeld: “Mensen, hebben jullie mijn nieuwe boek al gezien ?” Wij meteen: “Ja, eh, Soultje, we hebben hem zelfs al bijna half uit. En we hebben er over geblogd en alles. Die vuistdikke pil van je. Zo hard lezen we ook weer niet.” Schiet hij in de lach: “Ik bedoel dat oude ding niet, mijn twééde bundel bedoel ik!” Wij verbaasd: “Twééde bundel? Nu al?” Toont hij potverdorie wéér een dik boek. Grappig boek zelfs! Iets minder dik dan het eerste, maar toch. Ook meteen vijf piek goedkoper. In amper een paar maanden tijd staan er verdorie nu al twéé van die dikkerds op onze boekenplank nu. Want wij konden er meteen eentje kopen. “Jamaar Souliewoulie, dan gaan we ook even officieel melden dat het te koop is toch?” Hij schudt het hoofd: “Nee, binnenkórt is het te koop, nu nog niet.” Wij, teleurgesteld: “O.” Dus nu weet u nog niets. Behalve dat u binnenkort iets kunt kopen. Dus kunt u nu al gaan sparen.

 

Boekpresentatie Kutbinnenlandert Soul Food

Beste KutBinnenlanders,

Graag zou ik van de gelegenheid gebruik willen maken om u te attenderen op een lauwvetdopechille, mieterse boekpresentatie.

Een vriend van een achterneef van mijn achterneef Evrard houdt binnenkort een officieuze inofficiële boekpresentatie, en wel op:

Zaterdag 26 april (Koningsdag). Van 12.00 tot 14.00 wordt op die dag het maandelijkse CultuurCafé gehouden, in Theater De Nieuwe Vorst, WillemII-straat 49, Tilburg; ergens in het hart van die middag zal de presentatie plaatsvinden, in de vorm van een interview door de presentatrice en – als jullie geluk hebben – de schrijvert in kwestie, die een verhaal zal voordragen.

De naam van de kwast is Johan van Tilburg, titel van zijn boek:

De man die naar Engeland wilde lopen

Bol.com-Link

Nota bene: er circuleren geruchten dat de schrijvert zijn bundel die middag speciaal voor KutBinnenlanderts voor ’n smakelijk prijsje in de verkoop doet.

Ge zijt allen van harte welkom op dit KB-theekransje!

Soul Food

https://www.facebook.com/JohanvanTilburg2

 

De nieuwe twintig

Volgens de damesmagazines die de jongste jaren in zulk groten getale de vaderlandse kiosken opsmukken, schijnt ‘veertig de nieuwe twintig’ te zijn. Voor vrouwen geldt dat wellicht. Dames van middelbare leeftijd die, geïnspireerd door de televisieseries van over de oceaan, gehuld in een spannende outfit met tijgerprint, op hakken van twintig centimeter, in het weekend samen met hun vriendinnen de stad in gaan, teneinde jonge, soms nog betrekkelijk groene knapen van een jaar of achttien, negentien op te duikelen.

Voor mannen doet dit credo geen opgeld. Kan ik u uit betrouwbare bron verzekeren. De jongste zaterdagavond van mijn leven, afgelopen zaterdagavond dus, trok ik mijn stoute cowboylaarzen aan, teneinde mij tussen het jonge grut van het uitgaansgewoel te gaan mengen. Let’s mingle, dacht ik blijmoedig. Haartjes gekamd, halve pot gel omgekeerd, laarzen en tanden gepoetst, kraag omhoog en blazer los: ik was er klaar voor.

Zelden een grotere deceptie meegemaakt in mijn leven. Wanneer je als oudere jongere, en zo zou ik mezelf toch wel willen duiden, een behoorlijk lange tijd niet bent uitgeweest, kan het zomaar zijn dat je de voeling met de jongere generaties een ietwat bent kwijtgeraakt. Te beginnen met de taal, waarvan de jongerenvariant een abracadabra is, waar voor een ouwe lul zoals ondergetekende geen touw aan vast te knopen is: een lauwvetcooldopechille turbotaalvariant…

Enfin, een lang verhaal kort, ik heb het wel degelijk geprobeerd, die avond, om een paar jonge meiden op mijn versierkunsten te vergasten. Het haalde niet veel uit. Alles wat ik zei, in mijn archaïsche, Dickensiaanse taal – de dames in kwestie zullen vast en zeker nooit van deze Engelsman gehoord hebben – , verdampte à la minute, alsof de woorden nooit gesproken waren. De meiden, zonder uitzondering appetijtelijke freules in rokjes zo kort als waren het uit de kluiten gewassen ceinturen, keken me aan alsof ze water zagen branden.

Gedesillusioneerd, met een erectie die alras in grootte afnam, verliet ik de danskroegen en disco’s van de stad. In een shoarmazaak iets buiten het centrum likte ik mijn wonden en verorberde een pizza capriciosa, vergezeld van een cola light.

Vanaf heden zal ik nog slechts horecagelegenheden frequenteren, waar uitgebluste vijftigplussers hun olifantenstijldanspasjes ten beste geven.

Ach wat, misschien zit er wel een vitale oma tussen die nog genoeg energie heeft voor het een, en ook het ander.

 

Mijn achterneef Evrard

Mijn achterneef Evrard is niet helemaal goed bij zijn hoofd. Tenminste, zo noemen ze dat dan. Ik denk stiekem weleens dat hij simpelweg helemaal geen zin heeft om aan deze krankzinnige, hectische, digitale tijd mee te doen, dat hij zich daarom onnozel houdt, terwijl er in dat grote, logge hoofd van ‘m allerlei diepzinnige, wijsgerige thema’s om voorrang vechten. Misschien heb ik het mis, maar ik zal u een voorbeeld geven, wellicht ziet u dan wat ik bedoel.

Laatst had ik wat vrinden en familie over de vloer, ik vierde een promotie. Mijn vrouw Elsbeth en ik hadden ons best gedaan om de lekkerste drank, de meest exclusieve kazen in huis te halen, om mijn professioneel opstapje ook in culinair opzicht de nodige luister bij te zetten. Ook mijn lievelingsachterneef en zijn ouders had ik uitgenodigd. Hij zat zich in een hoekje van de achterkamer wat te vervelen, pulkte in zijn neus en schoof wat lego-figuurtjes van mijn zoontje Thim op en neer, in de buurt van een brandweerkazerne en een politiebureau.

Op een gegeven moment kwam het kringgesprek in de voorkamer op het thema Midden-Oosten, en meer specifiek het eindeloos voortdurende Israëlisch-Palestijnse conflict. Wij, de, hoofdzakelijk, heren – een enkele dame – , lieten onze hersenen kraken op deze loodzware, gecompliceerde materie. Nadat we een minuut of twintig hadden gebabbeld over dit haast onoplosbaar geschil, verzuchtte ik luid, als een soort van resumé en tegelijk slot van onze gezamenlijke politieke hersengymnastiek:

‘Dit dossier is zó ingewikkeld, daar zal geen Amerikaanse president in duizend jaar toenadering en bestendige vrede kunnen brengen’. Stilte. Een zwijgend instemmen.

Plotseling kwam Evrard op zijn geruite pantoffels aangesjokt, een lego-poppetje (een brandweermannetje) in zijn hand, en zei, totaal out of the blue:

‘Is toch niet zo moeilijk: als allebei de kanten vanaf morgen niet meer gaan vechten, is het morgen vrede.’

Deze keukenmeidenwijsheid explodeerde als een grote, witte ballon boven de hoofden van het verzameld groepje intellectuelen, dat zich juist het hoofd had gebogen over wellicht het meest complexe politieke probleem van de laatste halve eeuw. Verbazing over zoveel filosofische eenvoud en daadkracht ging er door mijn hoofd, en ik ben ervan overtuigd niet alleen door het mijne.

Oom Balts stond op, sloeg zijn dikke worsthanden op elkaar en sprak op luide toon:

‘Hoera! Een applaus voor de Nobelprijswinnaar voor de vrede: Evrard Tuinier!’

We stonden allen op, in een mengeling van ironie en oprechte bewondering voor de jonge wijsgeer, en trakteerden hem op een daverend applaus. Mijn lief Elsbeth zette deze lofbetuiging extra kracht bij door een enorme punt bosbessenvlaai – met een al even reusachtige toef slagroom – voor Evrards neus te zetten. Zijn ogen begonnen te schitteren, de jongen is een echte zoetekauw. Wat voorovergebogen, verlegen gemaakt door de plotselinge aandacht, schrokte hij zijn punt ijlings naar binnen, waarna mijn vrouw een nieuwe punt, deze leek nog groter, voor de neus van de nieuwbakken Nobelprijswinnaar plantte. Ook deze lekkernij was een uiterst kort leven beschoren.

Het gesprek in de voorkamer werd hervat, dit keer was het onderwerp: vliegbelastingen.

De boog kan niet altijd gespannen zijn.

 
« Older posts

© 2021 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑