KutBinnenlanders.nl

Feiten

 

 

De hemel klaarde langzaam op, het was inmiddels half vier ’s namiddags. Binnen anderhalf uur zou de zon ondergaan. Daar maakte de hemel zich klaar voor.

Nooit vraagt men hieromtrent de mening van de maan noch van de sterren. Ze schikken zich. Een enkele ster liet op Twitter opschrijven: ‘Ik vind dit maar kut’.

Verder geen commentaar.

Bij dageraad lijkt het andersom te gaan. Toch is het precies hetzelfde. Langzaam klaart de hemel op tot daar ineens de zon opgaat.

 

Het is een feit van elke dag en elke dag beleeft dit feit opnieuw, keer op keer. Schrijvers durven het feit soms vermelden in hun geschriften, meestal als aanloop tot andere feiten. Meer niet.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Schrijven in schijven

 

 

‘Ik houd niet van ongeschreven wetten en heb er een haat-haatverhouding mee. Als ze niet geschreven zijn, zijn ze niet van kracht’.

‘Ook de natuurwetten?’

Toen zweeg hij. Hij dronk even van zijn thee, ademde diep in en stak opnieuw van wal. ‘Over de natuur wil ik me niet uitspreken. Te ver van mijn bed en schrijftafel. Neem echter de economie: er zijn lieden, hoe bestaan ze, ze zijn uitgevonden door de Jezuïeten, die spreken van de wet van vraag en aanbod. Een ongeschreven wet die, wanneer we hem uitschrijven, geen wet blijkt te zijn maar hooguit een mechanisme dat aan geen enkele wet gehoorzaamt’.

Weer zweeg hij. Voorgoed. Hij dronk de rest van zijn thee op en stapte op.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Identitair nee elitair ja

 

 

De ontzetting neemt ongewone proporties aan en dreigt alles van de kaart te vegen. Sneller dan de stijging van het zeepeil als gevolg van de opwarming van de aarde. ‘Ik ben helemaal zus, ik zeg zomaar iets, Proximus, of ING of Orange. Zelden Scarlet. Soms Vodafone of zo.

‘Hallo, goede middag, ik ben ontzettend Vodafone. En U?’

‘Ik ben helemaal niet wat u wilt. U mag de boom in, ga uw boomgang.’

Zo stel ik me het zogenaamde identitair debat voor. Zo krijg je het echter niet te zien of te horen op de treurbuis of in de sociale media. Ik doe het dan maar hier voor de fijnzinnige lieden die deze ultra korte kortverhalen tot zich nemen.

Ik ben ontzettend kort van stof.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Hoe voorkom je een punthoofd?

 

 

Draag altijd je hoed op de juiste plaats.

Maak niet voortdurend je punt, zwijg ook eens en luister.

Trek steeds je kousen uit vooraleer je een bad neemt.

Zorg dat je fris en monster opstaat uit de slaap. Eerder dan uit de dood.

Schop nooit harder dan nodig om een blik te werpen.

Laat je gemoed twee keer of meer per jaar overlopen.

Blijf weg van Twitter.

Laad de batterij van je fiets tijdig op, liefst niet als de wasmachine draait of je een ovengerecht bereidt. Of die van je auto.

Ga op tijd de deur uit als je je trein wil halen.

Vermijd treurbuiskijken.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Des winters als het regent of des zomers desnoods

 

 

Goed uitgeregend, zonder paraplu, met een hoed op en een warme winterjas aan, stoot hij tegen de deur van de wachtzaal. Het uur is spits, de zaal vol. Geen plaats om te zitten.

Daar komt dra de trein eraan, de zaal loopt leeg, hij kan gaan zitten.

Uit zijn binnenzak diept hij een boekje op, begint te lezen. Een uur later, zijn hoed en jas zijn droog, staat hij op en stapt naar buiten. Het regent nog maar minder hard.

Ik had de hele tijd onder het dak van de fietsenstalling gestaan om de deur van de wachtzaal in de gaten te houden. Ik volg hem meteen. We lopen naar de marktplaats van het stadje. Hij zoekt geen café. Hij stopt voor een vastgoedmakelaarskantoor, kijkt op zijn polshorloge, duwt de deur van het kantoor open, gaat binnen.

Ik weet genoeg.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Smaken verschillen

 

 

‘We zullen het zaakje lekker op smaak brengen’. De kok is in een uitstekende stemming. Het is marktdag, dan loopt zijn eettent vol.

Hij bereidt op zo’n dag twee zaken: soep en een pastaschotel in de oven. De dagschotel. Niets bijzonders hoor. Alleen, zijn soep bevat vier groenten en is op smaak gebracht met vier kruiden, waaronder peper en peterselie. Je zou die soep haast vier op vier kunnen noemen.

Zijn pastaschotel brengt hij op smaak met selder en peper, een snuifje kurkuma, look en koriander.

Op zo’n dag maakt hij evenveel winst als op een gewone week. De drank brengt ook geld in de lade. De mensen rekenen uit hoeveel minder ze betalen op de markt, verteren het verschil in de eettent. Daarna komen de marktkramers. Als je het de kok vraagt, hoe noem je dit, antwoordt hij: ‘de vrije markt’.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Streven om te leven en te sterven

 

 

Valt er hier nog wat na te streven? Toch niet het geluk. Dat is iets waarvoor je in een hinderlaag (minder hinder?) moet liggen, jaren lang. En dat je in een vingerknip weer kunt verliezen. Die vinger is niet altijd van jou.

Geld dan maar. Moet je bergen van hebben. Inflatie haalt die berg onderuit.

Bezittingen. Een unieke bibliotheek met alleen eerste drukken. Veel tijd om die te zoeken heb je nodig, geen tijd haast om ze te lezen. Hebben is belangrijker dan lezen.

Sportwagens uiteindelijk. Ja, dan maar sportwagens, liever dan postzegels. En je dan maar te pletter rijden.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Caféblues

 

 

Koot is een bereisd sportvisser. We kennen zijn beroepsmatige broodwinning niet. In deze herberg spreekt hij enkel over vissen.

Zie hem nu zitten, half in zichzelf gekeerd. Niemand durft hem aan te spreken. Zo zien we hem zelden.

Tot Flor binnenkomt, een pint bestelt en bij Koot aan tafel gaat zitten. ‘Komaan, Koot, kop op, man’. Nog zwijgt Koot. Flor nipt van zijn pint en drinkt ineens een slok.

‘Wat dan speelt er je op? Bijten de vissen niet?’ Eindelijk spreekt Koot. ‘Het is die zure inval in Moldavië. Het is die viespeuk Vladim Putain die niet wil dat we spreken van zijn oorlog in Oekraïne.’

Weer zwijgt hij. Flor heeft echter beet en trekt de buit naar de kant. ‘Zit je daarover te kniezen? Man toch, dat hadden we van jou niet verwacht.’

Koot komt op dreef. ‘Indertijd, in Afrika, kwam ik Putain tegen bij het vissen. We werden kameraden. Nu zijn we geen kameraden meer. Hij heeft helemaal geen kameraden meer. Zelfs niet in China of Noord-Korea.’ Koot drinkt zijn glas in twee teugen leeg, staat op, betaalt en vertrekt.

Misschien vertrekt hij morgen om te gaan vissen.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.

Duizend levens

 



Ik zie een hele goede Rosa
Ergens anders een perfecte Josefien
in de pornofilm die in mij aan de gang is
En in romantische komedies
wil ik jou dan net weer zien.

Heb een fotoboek zonder echte plaatjes
waar ik jou als in het negatief kan zien
Dat vervaagt tussen Sabiens en Kaatjes
die in geen geval doen denken
aan een afzichtelijke trien.

Ik zou wel duizend levens willen leiden
als ik jullie allemaal van me weg zie gaan
Jullie middelbare vrouwen en piepend jonge meiden
die ik pas zal leren kennen op de maan.

Ach, misschien ben ik in mijn lente
Heb een vroege winter net achter de rug
Het vakantiegeld is binnen: zeshonderd kriebelende euro’s
in Mei een ei en een bobbel als ik zucht.

Voor hetzelfde geld ben ik nu hooggevoelig
Hebben de goden mijn plannetje net af
Zie ik jullie in verscherpte zinnen plots als lief en snoezig
Proef ik eindelijk het koren door het kaf.

(refr.)

Ik hou mezelf maar voor: je moet niet hebzuchtig wezen
En een harem maakt je rustig, maar ook overspannen
En je kunt tegelijkertijd maar één gouden regel lezen:
Jou overkomt hetzelfde aller mannen.

(refr.)

Stefan Pietersen
Stefan Pietersen
Stefan Pietersen: werd ooit gèboren en daarna steeds wedergeboren en worstelt zich middels liedjes, gedichten, toneelteksten, verhalen en wat niet nog meer; is er eigenlijk nòg meer tussen hemel en diepe depressie?, tot elke dag weer herboren wordt in schoonheid.

Lachend in beeld

 

 

Het had veel weg van een schijnproces. Met teeveecamera’s voor de show. De beschuldigde werd gedurende twintig minuten in de behandelkamer opgemaakt om voor de camera’s en, in mindere mate, voor het hof te verschijnen.

Voor de rest was alles voorhanden: de tenlastelegging, enige bewijsmateriaal, een advocaat voor de verdediging, enkele getuigen, publiek, zij het mondjesmaat toegelaten. Technici hadden op wel gekozen plaatsen verlichting aangebracht. Achterin de zaal stond een mengpaneel om het geluid uit de knoopmicrofoons in goede banen te leiden. Bewakingsdiensten waren uitvoerig gebriefd.

Ook de journalisten die het proces bijwonen en verslaan, zijn vooraf voldoende doorgelicht en geselecteerd.

Even verstomde het geroezemoes. Toen klonk de stem van de griffier: ‘Het hof!’. De rechters treden aan. Iedereen gaat staan.

Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.
« Older posts

© 2023 KutBinnenlanders.nl

Theme by Anders NorenUp ↑