Nou goed, het weer was omgeslagen. Gisteren was het vochtig en viel er regen, of omgekeerd, vandaag valt de kou op en de zon. Helemaal fris.

Opgewekt loopt de diender zijn ronde. Voorbij de rotonde houdt hij een wagen staande waarvan de bestuurder met zijn hoofd uit het raam hangt. Reden genoeg, vindt de diender, om hem te bekeuren.

‘Zo, heerschap, wat hangt u hier buiten de auto met uw hoofd?’

‘Gewoon even een frisse neus halen.’

Daarop spreekt de diender hem wijselijk toe met de beklijvende woorden: ‘Een frisse neus haal je best te voet’.

 

 
Marc Tiefenthal
Marc Tiefenthal
In tijden van toenemende verdomming en groeiend nationalisme is het gepast, ha, erop te wijzen dat Marc Tiefenthal gemakkelijkheidshalve kan worden gecatalogeerd als Belgisch dichter, die zowel in het Nederlands als het Frans schrijft. In diezelfde context, stijgende verdomming en toenemend nationalisme, vraagt menigeen zich af waar de dichter verblijf houdt. Daar hij op twee plaatsen in de wereld verblijf houdt, dit is bilokaal woonachtig, heeft hij op het Groot Smoelenboek van de heer Sukkelberg, voor de lol Bobigny als woonplaats opgegeven. Kom hem daar maar niet bezoeken. Evenmin als in Menen, Ieper, Leuven, Bossière, Brussel, Antwerpen noch Temse, waar hij ooit gewoond heeft.